skip to Main Content

Het kruisteken met wijwater. Wij water is doopwater. Het is symbool van onze nieuwe geboorte uit water en de heilige Geest. Als je daarmee een kruisteken maakt is het de bedoeling om even terug te denken aan dat bijzondere begin. Toen begon jouw persoonlijke verbond met God. Een Verbond dat vanaf die tijd van twee kanten is gekomen. Van God naar jou en van Jou naar God.
B2000qdr05BV

Eucharistieviering in de parochiekerk van de H. Bartholomeus te Poeldijk, za/zo 8/9 april 2000, 19.00/10.00 uur, door pastoor Michel Hagen. A.M.D.G.
Zang: zaterdag – Jongerenkoor
zondag – Herenkoor,
Thema: Boeteviering – Open je hart

Lezingen

E.L.: Jer. 31, 31-34
EV.: Joh. 12, 20-33

Homilie

Een boeteviering.

Tijdens een groothuisbezoek vroeg iemand zich een keer af wat dat kruisteken met water tijdens de boeteviering nu kon betekenen. De meesten van u kennen het al lang. In mijn vorige parochie deden we dit niet. Ik heb het hier aangetroffen. Maar het is als gebaar al heel oud. Velen van u lopen al van kindsbeen af, als ze de kerk binnenkomen, even langs het wijwaterbakje bij de ingang, maken daar met water een kruisteken en zoeken hun plaats op. Waarom doet u dat? Goede gewoonte? Maar wat betekent het?

Wijwater is in principe doopwater. Water bestemd om mee te dopen en dus ook om mee te zegenen. Het is symbool van onze nieuwe geboorte uit water en de heilige Geest. Wanneer je met daarmee een kruisteken maakt is het de bedoeling om even terug te denken aan dat bijzondere begin. Toen begon jouw persoonlijke verbond met God. Een Verbond dat vanaf die tijd van twee kanten is gekomen. Van God naar jou en van Jou naar God.

Wanneer je straks na de schuldbelijdenis naar voren komt om met het wijwater een kruisteken te maken, dan gaat het erom dat we die gebeurtenis terughalen. Heel bewust. Zo puur en echt als dat Verbond tussen God en jou in het begin was. Zo puur en echt willen we dat het weer wordt. Meer nog, …. dat het zo puur en echt blijft en tegelijk steeds verder mag groeien en rijpen.

Wat we ons in deze boeteviering willen afvragen is: Hoe staat het nu met dat Verbond?

We doen dat in enkele fasen die we afsluiten met een acclamatie.

– Hoe staat het met het Verbond tussen God en Mij.

Het eerste gebod is: God beminnen. Doe ik dat? Heb ik bewondering voor God? Heb ik eerbied voor God? Respecteer ik God? Maar bovenal: bemin ik God? Misschien is dat laatste wel het moeilijkste. Toch is dat de opdracht voor ieder die gelooft. Verdiep ik me daar echt in? Doe ik moeite voor mijn geloof? Werk ik aan mijn relatie met God, of vind ik het wel best; niet te moeilijk doen, een paar keer per jaar naar de kerk is genoeg. Als je aardig ben voor je naaste is dat toch genoeg, daar is God echt wel mee tevreden!?

Zijn we minimalistisch in ons geloof, snel tevreden? Of juist aan de andere kant. Als ik God niet kan beminnen, ben ik soms bang voor God, bang voor een straffende vader? Heb ik te weinig vertrouwen in de liefhebbende Vader van Jezus die mijn Vader wil zijn? Spreek ik wel eens een woord van vertrouwen en dankbaarheid naar die Goede Vader in de hemel?

We houden even stil om ons hart te openen.
Zingen we de acclamatie.

– Hoe staat het met het verbond tussen mijn naaste en mijzelf en hoe sta ik tegenover mijzelf?

Als Jezus ons zegt: Heb je naaste lief zoals jezelf; doe ik dat echt? Als Hij zegt: Bemint je vijanden, doe ik dat? En als Hij zegt vergeef elkaar, doe ik dat dan? Of is het zo dat ik aardig ben tegen mijn familie, vrienden en vriendinnen, maar dat anderen niet op me hoeven te rekenen? Het kan ook andersom gaan, dat we ons tijdelijk verbonden weten met noodgebieden ver weg, tot ze uit beeld zijn. Vergeten we dan niet de eenzame om de hoek, in de volgende portiek, in de eigen familiekring.

Wat laten we allemaal voorgaan op de liefde tot de naaste. Werk, ontspanning, prestige? Hoeveel uur besteed ik voor mezelf en hoeveel voor de ander? Waartoe ben ik bereid? Ben ik net als Jezus bereid als een graankorrel te sterven, de eigen ambities opzij te zetten voor die ander? Sterven aan je ik-gerichtheid, dat alles niet om jou draait en de eerste aandacht niet steeds naar jezelf hoeft te gaan.

We houden even stil om ons hart te openen.
Zingen we de acclamatie.

– Hoe staat het met het verbond tussen mij en Gods schepping?

Zien wij het als een deel van dat Nieuwe Verbond, dat wij goede beheerders zijn van Gods schepping. Of zien we alles toch vooral als ons eigen bezit waarmee wij kunnen doen wat we willen? Denken we, ach die problemen lossen ze later wel op, wij leven nu!? … Wat mag de natuur ons kosten, wat zijn wij bereid te geven voor het doorgeven van de schepping? Hoe staan we tegenover de menselijke vruchtbaarheid en het ontkiemende leven? Staan zorg, liefde en respect in alles voorop? Zien we elk mensenkind geboren of nog niet geboren reeds als een beeld van God, zien we de oude mens, ziek en gebrekkig ook nog als beeld van God? Of geldt ook voor ons toch vooral wat mooi is, jong, beloftevol en sterk? Doen wij mee met de idee dat er ongewenste mensen kunnen bestaan? En wat doe ik met mijn bezit? Niet alleen financieel, ook mijn bezit aan gezondheid, aan talenten, energie en intelligentie. Ben ik ook daarvan een goede beheerder, zoals Jezus die alles inzette om Gods Koninkrijk op te bouwen?

We houden even stil om ons hart te openen.
Zingen we de acclamatie.

Bidden we straks iets vertraagd onze schuldbelijdenis, daarna wordt eenieder uitgenodigd met het doopwater een kruisteken te maken.
We zijn gedoopt in de Naam van de drieëne God. In dat Nieuwe Verbond willen we steeds opnieuw beginnen. Amen.

Back To Top