Jouw vergeving, als je daarin durft te geloven, brengt nieuw leven in onmogelijke omstandigheden, in totaal onvruchtbare omstandigheden.
C2016DHJ27C

Eucharistieviering in de parochie van de H. Augustinus, in de kerken van de H. Joannes de Doper (Katwijk) en de H. Laurentius (Voorschoten), om 09.30 en 11.00 uur. A.M.D.G. - I.H.S.



Welkom vooraf aan de viering

Van harte welkom, u hier in de kerk en allen die met ons meevieren via de kerkradio of het internet.

Geloof als een mosterdzaadje, een moerbeiboom in zee; waar heeft Jezus het over? Het heeft met de opdracht tot vergeving te maken, een soms heel moeilijke opdracht. Jezus Zelf doet het ons voor, dat raakt het mysterie dat we hier vieren in de Eucharistie.

Vandaag zal onze pastoor Michel Hagen de celebrant zijn.

Ik mag u uitnodigen te gaan staan bij de intrede.



Lezingen

E.L: Habakuk 1, 2-3; 2, 2-4
Psalm: Ps. 95 (94) 1-2, 6-7, 8-9
T.L: 2 Timóteus 1, 6-8. 13-14
All: Johannes 17, 17b en a
EV: Lucas 17, 5-10

Homilie

Het klinkt misschien vreemd, wanneer ik zeg: “Jezus houdt van overdrijven”. Ik noem een paar gezegden die u ongetwijfeld herkent: “Haal eerst de balk uit uw eigen oog voordat ge de splinter uit andermans oog haalt”. Een kameel gaat gemakkelijker door het oog van de naald, dan dat een rijke het Rijk der hemelen binnengaat” en “Gij die de mug uitzeeft en de kameel doorslikt”. Jezus gebruikt beeldrijke taal met uitvergrotingen, waar de mensen graag naar luisterden. Ze zullen gelachen hebben bij het idee, een kameel doorslikken, een kameel door het oog van de naald of een balk in je oog.

Geldt dat nu ook voor het Evangelie van vandaag, als Hij zegt: “Als ge een geloof hadt als een mosterdzaadje, zoudt ge tot die moerbeiboom zeggen: ‘Maak uw wortels los uit de grond en plant u in de zee’ en hij zou u gehoorzamen”. Is dat ook zo'n overdrijving? Je kunt ook hierbij in de lach schieten, zo'n grote boom, hop, daar gaat hij, net zoiets als de wandelende bomen in de film “in de ban van de ring”. Maar, net als bij de andere voorbeelden, je begrijp meteen dat het om meer gaat, om iets diepers.

Maar om wat meer, om wat diepers gaat het? Eerst die vraag over geloof. Jezus is op dat moment in gesprek met zijn leerlingen over vergeving: “Al misdoet uw broeder zevenmaal per dag tegen u, maar zevenmaal ook wendt hij zich tot u met de woorden: Het spijt me, dan moet ge hem vergeven”. De apostelen zeiden nu tot de Heer: 'Geef ons meer geloof' (Lucas 17,4-5)”. Dat is interessant; ze zeggen: “Geef ons meer geloof”, naar aanleiding van Jezus' oproep tot vergeving. En inderdaad, daarin moet je durven geloven

Die moerbeiboom, die Jezus in zijn voorbeeld noemt, groeit in Israël in het laagland. De zee, met name de Dode Zee, ligt een stuk verder, achter de heuvels. In die zee groeit niets. Dat is niet Psalm 1, over een mens die is als een boom, geplant aan een waterstroom, die zomer en winter bloeit. Je als een boom planten in de zoutzee, betekent je dood, zout water dat je dorst niet lest, water waarin geen leven mogelijk is. Kan een moerbeiboom daarin wortelen en overleven? Kan een mens overleven in een gebied waar de stroom van levend water is veranderd in brak en zout water, in een tijd, in een cultuur, in een land, waarin het geestelijk leven wordt verstikt, waar gelovig leven onmogelijk is? Vergeving is hier als in Exodus 15,25. Mozes gooide een stuk hout in het brakke water dat daardoor weer zoet werd.

Durven te geloven in wat jou onmogelijk lijkt is zoals de profeet Habakuk in de eerste lezing, durven vertrouwen dat God zijn woord gestand doet. Maar het is ook als in de tweede lezing waarin Paulus zegt: “Draag uw deel in het lijden voor het evangelie”. De vraag van de leerlingen aan Jezus: “Geef ons meer geloof”, heeft met de moeilijke opdracht van vergeving te maken. Toch zegt Jezus in feite dat je voor die vergeving helemaal niet zo'n groot geloof nodig hebt, het hoeft maar zo groot te zijn als een mosterdzaadje, als het zo klein is, kan het al enorme dingen bewerken. Jouw vergeving kan jouw broeder of zuster die zegt: “Het spijt me”, nieuw leven schenken. Jouw vergeving, als je daarin durft te geloven, brengt nieuw leven in onmogelijke omstandigheden, in totaal onvruchtbare omstandigheden zoals de dode zee. Je hoeft geen enorm geloof te hebben, als je maar durft te geloven dat wat Jezus heeft gezegd, wat Hij heeft geleerd en wat Hij heeft voorgedaan door zijn vergeving, dat dat werkelijk vruchtbaar is. In de beeldspraak kan Jezus overdrijven, maar hierin overdrijft Jezus niet.

Dan het tweede deel van het Evangelie, over die landarbeider die ook kok moet zijn. Dit voorbeeld is erg tijdgebonden. Het gaat om de clou waarin Jezus zegt: “Moet hij die knecht soms dankbaar zijn omdat hij heeft uitgevoerd wat hem is opgedragen?” De vergelijking is duidelijk. Moet God ons dankbaar zijn als we gewoon onze plicht doen?

Maar waarom zegt Jezus dat? Ik denk omdat de leerlingen nog steeds dubben over die vergeving. Het is toch wel wat als je na de zevende keer nog steeds door moet gaan met vergeven. Jezus kan dit zeggen met het oog op de farizeeën. We kennen de parabel van de farizeeër en de tollenaar in de tempel. De farizeeër staat min of keer op te scheppen dat hij het zo goed doet. De tollenaar weet maar al te goed dat hij heel wat missers op zijn naam heeft staan. Jezus wil ons behoeden voor de houding van de farizeeër, dat we niet tegen God zeggen, kijk eens, ik heb hem twintig keer vergeven, kijk eens ik heb heb haar vijfentwintig keer vergeven. Dan verliezen we de verhouding tussen God en ons uit het oog. Nee, die opdracht tot vergeving is niet een vrijblijvende suggestie, een leuk proefballonnetje dat je net zo makkelijk laat schieten; nee, het is een opdracht van God zelf aan ons. Wanneer we dat doen, hebben we niets om over op te scheppen, integendeel, wees bewust van je eigen kleinheid als mens en zeg tegen God: Wij zijn maar gewone knechten; wij hebben alleen maar onze plicht gedaan.”

Weet u wat nu het mooie is. Jezus vertelt deze gelijkenis, maar een andere keer zegt Hij: Gelukkig de dienaars, die de heer bij zijn komst wakende zal vinden. Voorwaar, Ik zeg u: Hij zal zich omgorden, hen aan tafel nodigen en langs hen gaan om te bedienen (Lucas 12,37). Hier beschrijft Jezus de omgekeerde wereld. Daarvan is de Eucharistie een voorproef, als Hij ons nodigt aan zijn Maaltijd, voorproef van het eeuwig gastmaal. Amen.



Voorbede

Wij bidden tot God onze barmhartige Vader.

Wij bidden voor alle Christenen, wij vragen om geloof in vergeving, om geloof dat vergeving genezend is, dat vergeving noodzakelijk is, dat vergeving nieuw leven geeft en de brakke werkelijkheid weer zoet maakt. (Laat ons [zingend] bidden):

Wij bidden voor onze wereld, vooral de landen waar oorlog heerst, om een proces van verzoening, om wijsheid en besef dat oog om oog en tand om tand de spiraal van geweld in stand houdt, maar dat vergeving deze spiraal doorbreekt. (Laat ons [zingend] bidden):

Wij bidden voor onze parochie en voor onze parochiekern. Wij vragen dat ook bij onszelf de gave waarin God ons zijn vergeving schenkt, meer beleefd mag worden, bijzonder in het sacrament van boete en verzoening. (Laat ons [zingend] bidden):

Wij bidden voor gezinnen en alleenstaanden, voor echtparen, ouders, kinderen en kleinkinderen, om geloof in alles wat Jezus ons heeft geleerd en wat de Kerk ons doorgeeft. Om bescheidenheid en eenvoud, waarin we eenvoudig onze plicht jegens God doen, bijzonder door de vergeving. (Laat ons [zingend] bidden):

Intenties
 

Aanvullende gegevens