Skip to content

“Wat dunkt U, is het geoorloofd belasting te betalen aan de keizer of niet?” (…) Jezus zegt: “Laat Mij de belastingmunt eens zien.” Toen vroeg Hij hun: “Van wie is deze beeldenaar en het opschrift?” Zij antwoordden: “Van de keizer.” Daarop sprak Hij tot hen: “Geeft dan aan de keizer wat de keizer toekomt, en aan God wat God toekomt (Matteüs 22,15-21)”.

Dit voorbeeld uit het Evangelie heeft rechtstreeks te maken met het leven van alledag. Wie is in onze tijd de keizer? Is dat de politiek, het nieuwe kabinet, Brussel of de publieke opinie die geen andere mening verdraagt? Wie is in onze tijd de keizer? Wie heeft macht over mensen? Is dat de commercie of de media? Is dat de werkgever, of de de filmbaas die jarenlang de vrouwen naar zijn pijpen liet dansen, omdat hij de macht had? Was dat vroeger de Kerk, komt daar het kindermisbruik vandaan? “Macht corrumpeert”, zoiets stelde Montesquieu. En daar zit wat in. Een simpel Nederlands gezegde luidt: “Het zijn sterke benen die de weelde kunnen dragen”.

Er zijn in onze tijd inmiddels talloze keizers die allemaal een deel van de macht over de mens opeisen. Keizer economie zegt, dat we moeten uitgeven, want als het geldt rolt, draait de economie goed. Keizer economie zegt ook: “Man en vrouw moeten beiden een betaalde baan, want dat is nodig voor de economische groei.” Het is het nieuwe dogma van onze wereld.

Er is ook een verborgen keizer die tegelijk slaaf is. Dat is de mens zelf met zijn eigen ik. De mens die denkt dat hij vrij is en dat alles om hem draait. De klant is tenslotte koning, keizer, admiraal. Dat wordt ook in alle reclame uitgeroepen, het gaat om jou, met jouw wereld, met jouw kansen, je kan het betalen, we maken het geld goedkoop. Al die slogans dienen echter alleen maar om de mens gevangen te houden in de slavernij van de economie, de mens als economische motor. De economie is als de Matrix en de mens die denkt vrij te zijn, is slechts een schakel in een onpersoonlijke keten.

Dan klinkt in het Evangelie de vraag: Moeten we aan de keizer betalen of niet? Jezus antwoordt: “Geeft dan aan de keizer wat de keizer toekomt, en aan God wat God toekomt.”

Dat antwoord van Jezus roept een nieuwe vraag op: “Wat komt de keizer toe en wat komt God toe?” Jezus wijst naar de belastingmunt. Daarop staat het gezicht van de keizer. Dat hoort dus bij hem, méér komt hem niet toe. Wat komt God toe? Iedereen in de tijd van Jezus begrijpt meteen wat Hij bedoelt. “En God schiep de mens als zijn beeld; als het beeld van God schiep Hij hem; man en vrouw schiep Hij hen” (Genesis 1,27).

Geef aan God wat God toekomt. Wij mensen zijn niet van onszelf. De wereld roept wel dat wij van onszelf zijn, maar ze roept dat alleen om ons te gebruiken in haar genadeloze systeem. Jezus zegt: “Jij bent niet van jezelf, jij draagt Gods beeld.” Jezus zegt dat om ons vrij te maken. Als wij immers echt van God zijn, gaan we delen in Gods vrijheid. Geef aan God wat God toekomt. Volg Gods Zoon. Geef jezelf, met wat je bent, wat je kunt en wat je hebt. Dan geeft God zich aan jou en word je vrij, beeld van God, geliefd kind van God.

Pastoor Michel Hagen

Back To Top