Jezus spreekt over Gods Koninkrijk; over het Rijk Gods. God begint in het klein. Wie met God mee wil doen moet klein durven zijn zoals Jezus. Dan zullen we Gods grootheid en goedheid gaan ervaren.
Eucharistieviering in de parochiefederatie RRM, in de kerk van de H. Liduina (Hillegersberg) en de HH. Laurentius en Elisabeth (Kathedraal), zondag 16 juni 2024, om 09.30 en 11.00 uur, door plebaan Michel Hagen. A.M.D.G. – I.H.S.
Preek: B2024DHJ11B
Lezingen
E.L: Ezechiël 17, 22-24
Psalm: Ps. 92 (91), 2-3, 13-14, 15-16
T.L: 2 Korintiërs 5, 6-10
All. Vers. Lucas 19, 38
EV: Marcus 4, 26-34
Homilie
“Welke vergelijking kunnen wij vinden voor het Rijk Gods …?” “Het gaat met het Rijk Gods als een zaaier die zijn land bezaait”. “Het is met het Rijk Gods als met een mosterdzaadje …”
Het gaat vandaag in het Evangelie over het Rijk Gods. Maar wat is het Rijk Gods? Nu is het verleidelijk om te noemen wat exegeten en theologen allemaal te zeggen hebben over het Rijk God, over het Koninkrijk Gods en het over het Koninkrijk der hemelen, maar ik denk dat we dat nu niet moeten doen.
Als ik het eenvoudig houd, dan begint het Rijk Gods als we doen wat God ons te doen geeft. Toen een wetgeleerde aan Jezus vroeg wat hij moest doen om het eeuwig leven te verwerven en het dubbelgebod noemde, antwoordde Jezus: “Uw antwoord is juist, doe dat en ge zult leven” (Lukas 10, 28).
Als Jezus zijn leerlingen uitzendt dan zegt Hij: “In elke stad waar ge binnengaat en ontvangen wordt, eet wat u wordt voorgezet, geneest de zieken die er zijn en zegt tot hen: Het Rijk Gods is u nabij” (Lukas 10. 8-9). En een andere keer: “Verkondigt op uw tocht: Het Koninkrijk der hemelen is nabij. Geneest zieken, wekt doden op, reinigt melaatsen en drijft duivels uit. Voor niets hebt gij ontvangen, voor niets moet gij geven” (Matteüs 10, 7-8).
Jezus maakt Gods goedheid zichtbaar, Hij toont ons Gods liefdevolle gelaat. Zo kan Hij zeggen: “Wie mij ziet, ziet de Vader”. God is bekommerd om de zieken, om mensen die levend dood zijn, om melaatsen en om hen die te lijden hebben van allerlei demonen. Waar aandacht voor hen is, waar zorg voor hen is, waar liefde voor hen is, waar zij bevrijding krijgen, daar is God, daar is Gods Koninkrijk, daar doen wij wat God door ons wil doen.
Dat is Gods Koninkrijk hier op aarde. Daarover zegt Jezus dat het vlakbij is. Je hoeft het niet ver te zoeken, je hebt geen wereldomwenteling nodig. Het begint hier en nu, als wij doen wat Gods goedheid in ons hart legt.
Daar begint ook ons eeuwige leven. Als Gods goedheid in ons tot leven komt, is dat de kiem van het eeuwige leven. Gods goedheid in ons, Gods leven in ons, Gods liefdevolle gelaat aan de naaste tonen en zo meer en meer beeld van God zijn en kind van God, dan leeft God Zelf in ons, dan delen we in Gods onsterfelijkheid. Dat Goddelijk leven in ons gaat door de dood heen. Dat leven neemt ons mee naar Gods eeuwigheid.
De relieken van Theresia van Lisieux waren in Rotterdam. Zij is met name beroemd geworden om haar kleine weg. Kleine dingen met een grote liefde doen. Dat betekent de liefde als een mosterdzaadje, kleine liefdevolle daden die heilzaam zijn voor de ander, zulke daden van liefde bouwen de ander op.
Zulke daden kosten je wel wat, je moet erover nadenken, de ander kan je afwijzen, je niet begrijpen of je niet vertrouwen. Je bedoelt het goed maar het pakt verkeerd uit. Het dan toch niet opgeven. Een goede daad, een liefdevol woord, zo klein als een mosterdzaadje, draagt in zich de kiem van Gods Koninkrijk. En Jezus nodigt ons uit om die te zaaien.
En ja, dat zaad valt dan soms op harde grond en wordt niet opgenomen, soms kan de ander er niets mee omdat hij of zij in beslag wordt genomen door zorgen of door de wereld, maar dan ineens komt het bij een ander binnen, valt het in goede grond en werkt door als vruchtbaar zaad dat groeit.
In het klooster van Lisieux was een zuster die een moeilijk en stuurs karakter had. Het lukte Theresia van Lisieux om liefdevol met haar om te gaan. Deze zuster deed bij Theresia de ervaring op om geliefd en gewaardeerd te zijn.
Nu kan je vragen: Maar waarom doet God het zo moeilijk? Waarom kan God in zijn almacht niet met één groot gebaar alles in een keer ten goed keren en de harten omvormen zodat zijn Koninkrijk er in een keer is?
Ik heb er eerder over gesproken, maar het lijkt me goed erop te wijzen dat de Bijbel ons laat zien hoe God werkt. Dat is geen antwoord op deze vraag, maar misschien is die vraag ook wel helemaal fout. In de eerste lezing zien we al dat God steeds opnieuw klein begint, klein, maar zuiver, met een nieuw en goed begin. Een twijgje van een mooie, sterke en gezonde ceder. Dat twijgje wordt een grote ceder op een hoge berg, zichtbaar voor allen.
De moderne wetenschap komt ons ook te hulp. De ontdekking van de evolutie van de wereld en de evolutie van het leven op aarde, vanaf de Big Bang tot de huidige kosmos van eencelligen tot de mens met zijn complexe verstand. In de evolutie begint het ook klein. Blijkbaar werkt God zo. Dat was al zichtbaar in het Oude Verbond en Jezus bevestigt het in het Nieuwe Verbond.
Zo werkt God. Misschien zijn we dan geneigd te vragen waarom God zo werkt, maar met die vraag schiet je weinig op. Verstandiger is het te accepteren dat God zo werkt. De mens krijgt de kans om met vallen en opstaan te groeien. Maar dat wat in de evolutie niet automatisch ook groeit, dat komt God ons leren. Niet de wet van de sterkste brengt Gods Koninkrijk, niet de ‘survival of the fittest’. De weg naar Gods Koninkrijk is Jezus. De waarheid over Gods Koninkrijk is Jezus. Het leven in Gods Koninkrijk is Jezus. En Jezus zegt: “Geneest de zieken die er zijn en zegt tot hen: Het Rijk Gods is u nabij”. Amen.
Voorbede
Wij bidden tot God in geloof en vertrouwen.
Wij bidden voor alle Christenen, dat we durven vertrouwen op de kleine weg van liefde en dienstbaarheid als begin van Gods Koninkrijk, waardoor wij in staat zijn Jezus met vreugde, inzet en moed na te volgen. (Laat ons [zingend] bidden):
Wij bidden voor onze wereld, voor klimaatwetenschappers en industriëlen, voor politici en economen, dat zij winst niet laten voorgaan op het welzijn van onze planeet. Dat allen bereid zijn moeilijke beslissingen te nemen en uit te voeren. (Laat ons [zingend] bidden):
Wij bidden voor onze parochie en onze parochiekernen, dat we waakzaam zijn voor het geestelijk klimaat en zoeken naar Gods Koninkrijk, dat we ons niet in beslag laten nemen door zorgen of welvaart, dat we met Jezus ook tegen de stroom in durven gaan. (Laat ons [zingend] bidden):
Wij bidden voor onze gezinnen; voor alleenstaanden en echtparen, voor ouders en grootouders, kinderen en kleinkinderen; we vragen om vernieuwing van onze geloofsmentaliteit, opdat geloof, hoop en liefde voorrang krijgen op bezit, carrière en amusement. (Laat ons [zingend] bidden):
Intenties