Skip to content

Met de hemelse economie gedreven door de liefde, groeit Gods Koninkrijk.

Eucharistieviering in de federatie H. Laurentius (RRM), in de kerken van de H. Albertus Magnus (Blijdorp), H. Dominicus (Het Steiger) en de H. Hildegardis (Rotterdam Noord), weekeinde van 9 en 10 november 2024, om 12.00, 09.30 en 11.00 uur, door plebaan Michel Hagen. A.M.D.G. – I.H.S.

Preek: B2024DHJ32B (vgl. 2018)

Lezingen

E.L: 1 Koningen 17, 10- 16
Psalm: Ps. 146 (145), 7, 8-9a, 9bc-10
T.L: Hebreeën 9, 24-28
All. Vers. Apokalyps 2, 10c
EV: Marcus 12, 38-44 of 41-44

Homilie

Stel u voor; het is oorlog, u hebt u nog dat laatste restje olie en meel. Amper genoeg voor jullie zelf. Er staat een monnik voor de deur die zegt: “Maak eerst maar een broodje voor mij. Daarna kan je voor jezelf en je zoon zorgen”.

Wat zou uw reactie zijn? In verhalen over de oorlog horen we dikwijls dat mensen die weinig hadden, toch bereid waren te delen met hen die het nog minder hadden. Misschien klopt het gezegde: “Armoede maakt gul, rijkdom maakt gierig”.

Maar in de eerste lezing speelt nog iets mee. Toen Elia met deze weduwe in Sarefat sprak, gaf hij een profeten-woord, met een belofte: “Zo zegt de Heer, de God van Israël: ‘De pot met meel raakt niet leeg en de kruik met olie niet uitgeput totdat de Heer het weer laat regenen’.” Deze weduwe is een gelovige vrouw. Zij herkent en erkent het woord van de profeet. Maar bovenal gelooft ze dat God barmhartig is en dat dat God haar edelmoedigheid niet zal vergeten. Ze durft het aan om een stap in het geloof te zetten.

Deze lezing staat natuurlijk niet voor niets gecombineerd met het Evangelie van de arme weduwe. Misschien heeft Jezus wel aan de weduwe bij Sarefat gedacht, toen Hij deze weduwe bij de tempel zag.

Over die weduwe, die twee kopersukken met de waarde van één cent in de offerkist doet, zou je de vraag kunnen stellen. Is dat niet een soort vermetel vertrouwen. Wie van ons zou dat doen? Je bent niet verplicht om iets in de offerkist te doen. Zoals je ook niet verplicht bent iets op de collecteschaal te doen, of mee te doen met de actie Kerkbalans. God laat vrij, de kerk laat vrij. Dat doet de wereld, de overheid niet. Wanneer je in de wereld je belasting of je huur of gas en licht niet betaalt, dan eindig je echt in de kou of in de gevangenis. Bij God zo niet, bij Gods Kerk ook niet. Bij God gaat het om een liefdesplicht, je geeft uit liefde. Liefde maakt gul, liefde zet je aan tot goede daden, liefde helpt je om jezelf en je eigenbelang te overwinnen.

Toch is liefde alleen ook niet genoeg. Er is ook vertrouwen nodig. De weduwe van Sarefat vertrouwde het woord van de profeet Elia, maar meer nog vertrouwde ze op God.

Wat voor de weduwe in Sarefat geldt, dat geldt ook voor die weduwe bij de offerkist. Zij geeft niet zozeer aan de tempel, zij geeft aan God en zij geeft wat ze heeft, want ze geeft uit liefde. En of het haar laatste cent is, maakt haar eigenlijk niet uit; voor God heeft ze haar laatste cent over; uit liefde. Zo kan Jezus zeggen: “Voorwaar, Ik zeg u: die arme weduwe heeft het meest geofferd van allen die iets in de offerkist wierpen …”

Nu zou je deze lezingen kunnen gebruiken in de tijd van de actie Kerkbalans of om de collecte aan te moedigen. Toch is dat niet waar het om gaat. Ook als parochie moeten we leren vertrouwen, zowel op Gods goedheid als op de goedheid van de parochianen. Het doel is niet een hogere bijdrage van de collecte of de actie Kerkbalans, het doel is meer liefde voor God en de naaste. Wanneer die liefde groeit, dan komt niemand iets te kort, dan zorgt de liefde dat er overvloed is voor iedereen.

Zo was het ook met Christus. In de tweede lezing hoorden we een meditatie uit de Hebreeënbrief over het offer van Christus. Jezus gaf zijn leven uit liefde voor God en de mensen. Jezus gaat nog verder dan deze twee weduwen. Jezus gaf niet iets, iets uit zijn bezit; Hij gaf zichzelf, totaal. Jezus herkent in de weduwe bij de offerkist de liefde die Hij zelf heeft voor zijn hemelse Vader; dezelfde liefde ook waarmee Hij ons liefheeft. Deze weduwe met haar twee koperen muntjes ontroert Hem. Haar gebed komt rechtstreeks bij God binnen. Zo is zij rijk bij God, méér nog, ze heeft een schat opgebouwd in de hemel. Zij vindt er vreugde in te geven. Het offer kost haar veel, het is alles wat ze bezit, en toch valt het haar licht, want ze geeft het aan God.

Vooraf aan het voorbeeld van de arme weduwe spreekt Jezus over de protserigheid van sommige schriftgeleerden in lange gewaden. Over een paar weken in de Advent zal Jezus zeggen: Zij hebben hun loon al ontvangen. Maar als gij bidt, ga dan in uw binnenkamer, sluit de deur achter u en bidt tot uw Vader die in het verborgene is en uw Vader die in het verborgene ziet, zal het u vergelden” (Matteüs 6, 5-6). En over het geven zegt Hij: “Als gij een aalmoes geeft, laat uw linkerhand dan niet weten, wat uw rechter doet, opdat uw aalmoes in het verborgene blijve en uw Vader, die in het verborgene ziet, zal het u vergelden” (Matteüs 6,3-4).

Wanneer wij geven lastig vinden, wanneer we meteen aan het rekenen slaan, wanneer we berekenend worden, dan kan het zijn dat we te rijk zijn met aardse rijkdom. “Armoede maakt gul, rijkdom maakt gierig”.

Maar zou het echt zo zijn dat God dit van haar vraagt? Zou die arme weduwe honger moeten lijden om de tempel rijker te maken? Het is andersom. De priesters van de tempel moeten oog hebben voor deze vrouw en ook haar buren. Daarover zegt Jezus: Armen hebt gij altijd in uw midden en gij kunt hun weldoen wanneer ge maar wilt (Marcus 14, 7a).

Liefde overstijgt de berekening. De arme kan iets geven aan God en wij kunnen geven aan de armen. Daarmee ontstaat een hemelse economie waarin de liefde de drijvende kracht is. Dit tegenover de economie van de wereld, waarbij hebzucht vaak de drijvende kracht is. Met de hemelse economie gedreven door de liefde, groeit Gods Koninkrijk. Amen.

Voorbede

Wij bidden tot God die ons in zijn liefde alles geeft.

Wij bidden voor Gods Kerk, wereldwijd, dat zij mag zijn als de weduwe die bereid is alles te geven. Vragen wij dat alle gelovigen groeien in vertrouwen op God en in belangeloze liefde die gul maakt naar God en de naaste. (Laat ons [zingend] bidden):

Wij bidden voor onze wereld, dat er een nieuwe economie mag ontstaan waarin niet hebzucht de motor is maar het echte belang van mensen, dat er een nieuwe ethiek in de economie mag komen die uitbuiting en ongelijkheid overwint. (Laat ons [zingend] bidden):

Wij bidden voor onze parochie en parochiekernen, dat de onderlinge solidariteit mag groeien, niet alleen in de eigen kring, maar ook naar vervolgde christenen, vluchtelingen en mensen die we niet vanzelf zouden opzoeken. (Laat ons [zingend] bidden):

Wij bidden voor gezinnen, voor alleenstaanden en echtparen, ouders en grootouders, kinderen en kleinkinderen; dat we elkaar steunen in een mentaliteit waarin we onszelf geven, in tijd en aandacht, we vragen om innerlijke vrijheid waardoor we niet vastzitten aan aards bezit, status en aanzien. (Laat ons [zingend] bidden):

Intenties

Back To Top