Skip to content

Op deze avond gedenken wij hoe Jezus ons een blijvend teken naliet van zijn aanwezigheid. De Maaltijd van het Nieuwe Verbond is de gedachtenis van zijn offer, van zijn vergeving en zijn verzoening. Hij laat het ons na als een opdracht om Hem te gedenken.

Eucharistieviering in de parochies van de federatie H. Laurentius (RRM), in de kerk van de H. Liduina (Hillegersberg), 17 april, om 19.30 uur, door plebaan Michel Hagen. A.M.D.G. – I.H.S.

Preek: B2025QDRWDB (zie 2018)

Homilie

“Deze dag moet gij tot een gedenkdag maken, ge moet hem vieren als een feest ter ere van de Heer. Van geslacht tot geslacht moet ge hem als een eeuwige instelling vieren.” Dit was de slotzin van de eerste lezing. Het is de opdracht die God aan Mozes en aan zijn Volk gaf om een gedenkdag te houden tot gedachtenis aan de bevrijding uit Egypte. Een gedachtenismaal waar ook bittere kruiden bij zijn, want het is een bittere bevrijding. Hoeveel bittere dagen waren er door de slavernij, hoeveel kinderen van het Joodse Volk zijn er in de jaren daarvoor gedood, jongetjes die in de Nijl werden gegooid en dan in die laatste nacht zoveel eerstgeboren kinderen van Egypte. Bittere kruiden.

Het Joodse Volk heeft die gedenkdag in ere gehouden met het Pesachmaal. Ook wij houden hem in ere, ook wij gedenken met Pasen de uittocht. Toch is het gedachtenismaal dat wij vieren een ander maal. Jezus geeft ook een opdracht, dat hoorden we in de tweede lezing: “Deze beker is het nieuwe Verbond in mijn Bloed. Doet dit elke keer dat gij hem drinkt tot mijn gedachtenis.” Bij Jezus is deze gedachtenis en dit gedachtenismaal niet langer alleen gekoppeld aan die ene dag, en niet slechts één keer per jaar, maar elke keer, dat is elke zondag en elke dag en elke Mis opnieuw.

We gedenken ook niet alleen de bevrijding uit Egypte, ook niet alleen zijn offer, of zijn verrijzenis; we gedenken alles van Hem. “Doet dit elke keer dat gij hem drinkt tot mijn gedachtenis.” Onze redding is niet alleen gelegen in die bevrijding uit Egypte, of in Jezus offerdood toen; Onze redding is gelegen in Hemzelf, in Christus. Zijn redding, zijn verlossing, zijn bevrijding wordt in iedere Eucharistie opnieuw werkelijkheid omdat Hijzelf in ons midden komt met zijn wonderlijke aanwezigheid, de aanwezigheid van de verrezen Heer.

Vanavond mogen we meer nog dan anders ons bewust worden wat dit gedachtenismaal betekent. Ook hier zijn er de bittere kruiden, niet zozeer bij deze maaltijd, het gaat erom dat dit Eucharistisch Brood ook lijdensbrood is, tranenbrood, dat Brood wordt Brood van de verrijzenis. Het sterven en verrijzen maakt Christus tot Hogepriester van het Nieuwe Verbond. Hij schenkt vergeving, Hij bekrachtigt het met zijn levensoffer en zo bewerkt Hij verzoening tussen de hemel en de aarde, tussen God en de mensen. Zo komt het Nieuwe verbond in zijn Bloed tot stand. Wij strijken geen offerbloed van offerdieren aan de deurposten van onze huizen, om de verderfengel af te weren. Wij drinken het Eucharistisch Bloed van de verrezen Heer om te delen in zijn leven en stand te houden tegen de listen van de duivel. Wij trekken met de paasnacht niet uit Egypte weg, maar we laten ons met zijn opdracht deze wereld inzenden als lammeren tussen de wolven, om wel in de wereld maar niet van de wereld te zijn. Wij doen dit tot zijn gedachtenis, niet alleen tot gedachtenis aan die dag, of die bevrijding, maar tot gedachtenis aan Hem, omdat Hijzelf ons innerlijk tot leven brengt en ons zo doet standhouden in deze tijd. Jezus de Christus is het levende Verbond in Vlees en Bloed. Wanneer we deelnemen aan de Eucharistie, krijgen wij deel aan Hem en worden we zelf als Kerk werkelijk Lichaam van Christus.

We gedenken vanavond twee Sacramenten, de instelling van de Eucharistie en de instelling van het priesterschap. Het Laatste Avondmaal is vanaf Jezus verrijzenis ononderbroken gevierd in de Eucharistie. De evangelist Marcus en na hem ook Matteüs en Lukas, de evangelisten, hebben vooral de instelling van de Eucharistie doorgegeven. Zij hadden alleen deze traditie meegekregen met de opdracht aan de apostelen, die daarmee tot priesters werden van het Nieuwe Verbond. Johannes de Evangelist die we vandaag hebben gelezen, wilde voorkomen dat iets van die avond vergeten zou worden. Hij vertelt ons over de voetwassing. Hij vindt dit wezenlijk om de Eucharistie te kunnen verstaan.

De voetwassing van Jezus was een teken. Petrus wilde er niet van weten, hij wilde zijn voeten niet laten wassen. Dat is begrijpelijk. Petrus wilde zijn Heer dienen, dan moet de Heer niet zijn voeten wassen. Waarom deed Jezus dat toch? Omdat het zo’n krachtig teken is. Het zou mooi zijn om in de toekomst dit ook weer uit te beelden. Degenen die dan komen voor de voetwassing, zijn daar dan namens heel de gemeenschap. Christus zegt tegen Petrus: “Als gij u niet door Mij laat wassen kunt gij mijn deelgenoot niet zijn.” Voor ieder van ons geldt dat Christus zijn Dienst aan ons wil verrichten, zijn slavendienst door zijn lijden en kruisdood. Wij moeten bereid zijn die dienst van Hem aan te nemen. Dat vraagt overwinning van onszelf. Wij redden onszelf niet, wij reinigen onszelf niet. Er is er maar één die onze ziel kan zuiveren en dat is Hij. Dat wordt uitgebeeld in de voetwassing. Zo krijgt de Eucharistie zijn bijzondere dimensie door de vergeving van de zonden. Hier en nu vieren wij zijn Aanwezigheid in de Maaltijd van het Nieuwe Verbond, waarbij wij zijn levensoffer gedenken en de opdracht vervullen die Hij ons heeft nagelaten.

Het is Witte Donderdag. We gedenken de instelling van de Eucharistie en de instelling van het sacrament van het priesterschap, we zijn ons bewust van de slavendienst van Jezus, die Hij uitdrukte door de voeten van zijn leerlingen te wassen. Het is een herinnering dat wij allemaal die verlossende dienst van Christus nodig hebben om ons hart weer zuiver te maken.

In dit jubileumjaar, met de kathedraal als jubileumkerk zo dichtbij, met gelegenheid voor het sacrament van de Biecht, wordt de genade van vergeving en verzoening ons aangeboden. Met Witte Donderdag gaan we op weg naar Goede Vrijdag en Pasen. Laat u door de Heer meenemen op zijn weg naar de verrijzenis. Amen.

Voorbede

Onze hogepriester Jezus Christus is onze voorspreker bij de Vader, bidden wij dan vol vertrouwen.

Wij bidden voor alle gelovigen; dat zij Christus toelaten in hun leven opdat Jezus zijn liefdeswerk in hun hart kan verrichten, wij vragen dat ze zijn Aanwezigheid ervaren in de Eucharistie en Hem navolgen in het dagelijks leven. (Laat ons [zingend] bidden):

Wij bidden voor onze wereld, dat steeds meer mensen het offer van Christus mogen gaan zien als een gave van bevrijding, dat zij Hem volgen in de dienst aan de naaste, dat zij vredebrengers worden door vergeving en verzoening. (Laat ons [zingend] bidden):

Wij bidden voor onze parochiegemeenschap, dat wij de Eucharistie meer en meer mogen beleven als bron en hoogtepunt van ons geloof, dat Christus ons naliet. Dat we ons blijven verdiepen in dit mysterie en daarbij de gave van het priesterschap op waarde weten te schatten. (Laat ons [zingend] bidden):

Wij bidden voor gezinnen; voor alleenstaanden en echtparen, voor ouders en grootouders, kinderen en kleinkinderen, dat de christelijke mentaliteit van de dienst aan elkaar, de onderlinge liefde mag versterken en groot en klein aanzetten tot naastenliefde in de wijde omgeving. (Laat ons [zingend] bidden):

Intenties

Back To Top