We gaan de tweede helft van de Veertigdagentijd in, het licht van Pasen begint al te schijnen. Dat helder witte licht van de verrijzenis maakt het paars van de Veertigdagentijd lichter, want alles wordt helder in het Licht van Christus.
Op de vierde zondag van de Veertigdagentijd, zondag Laetare, gaan de lezingen over waarnemen, over kijken en zien. In de eerste lezing hoort de profeet Samuël deze woorden: “God ziet niet zoals een mens ziet; een mens kijkt naar het uiterlijk, maar de Heer ziet naar het hart (1 Samuël 16, 1b, 6-7.10-13a).” De tweede lezing van de apostel Paulus gaat over licht en dus indirect ook over zien: “Alles wat aan het licht wordt gebracht, komt in het licht tot helderheid. En alles wat verhelderd wordt, is zelf ‘licht’ geworden (Efeziërs 5, 8-14). Het Evangelie gaat vooral over willen zien en willen geloven. Tot de Farizeeën zegt Jezus: “Als jullie blind waren geweest, zouden jullie geen zonde hebben, maar nu jullie zeggen: ‘wij zien’, nu blijft jullie zonde (Johannes 9, 1-41 of 1. 6-9. 13-17. 34- 38).”
Sommige Farizeeën zeiden: “Die man (Jezus) komt niet van God, want Hij onderhoudt de sabbat niet.” Hun idee over het onderhouden van de sabbat maakt dat ze het wonder niet willen zien en niet willen geloven dat Jezus van God komt. De Farizeeën hebben hun vooronderstellingen; die zijn zo onwrikbaar dat alles wat daar tegenin lijkt te gaan niet goed kán zijn. Dat zien we in onze samenleving om de haverklap terug.
In vorige eeuwen was slavernij een blinde vlek in de Westerse cultuur. We zagen het niet. Zij die het wel zagen, hebben anderen de ogen geopend. In India was het kastenstelsel eeuwenlang een blinde vlek. Men zag de stervenden op straat niet meer liggen. Toen Moeder Teresa zich over hen ontfermde, heeft zij andere mensen de ogen geopend. Zo zijn er veel meer dingen. Maar er is een verschil tussen een blinde vlek, iets wat buiten jouw schuld onzichtbaar blijft, of wegkijken, iets niet willen zien. Kijk je met de ogen van je hart en gaat je hart open voor de naaste, of kijk je met ogen van eigenbelang en sluit je daarmee je hart? Soms is het nog anders: Omdat je je onmachtig voelt ergens iets aan te doen, durf je de dingen niet onder ogen te zien en sluit je je af.
Christus moet ons de ogen openen om ongerechtigheid te gaan zien en niet weg te kijken. Zijn wij bereid ons door Hem de ogen te laten openen en ons leven te veranderen, ideeën bij te stellen en te accepteren dat zijn visie, zijn licht het echte licht is dat alles verlicht?
Plebaan Michel Hagen
Katholiek Nieuwsblad #2– Week 12 2026