Skip to content

Hebt u het tumult onlangs in de Vlaamse media gevolgd? Het KN van 30 augustus heeft er over bericht. Het ging daarbij om deze zin van Paulus: “Vrouwen, weest onderdanig aan uw man als aan de Heer” (Efeziërs 5, 21-32). Hoe kan Paulus dit schrijven? Elders benadrukt hij juist de gelijkwaardigheid van alle mensen in Christus: “Er is geen Jood of heiden meer, er is geen slaaf of vrije, er is geen man en vrouw: allen tezamen zijt gij één persoon in Christus Jezus” (Galaten 3, 28).

Als de twaalfjarige Jezus wordt teruggevonden in de tempel, lezen we: “Hij ging met hen mee naar Nazaret en was aan hen onderdanig” (Lucas 2, 51a). Ook hier staat hetzelfde woord: “hupotassomenoi”. Onderdanig betekent dat Jezus zich niet boven zijn ouders stelde, maar het gezag aan hen liet. Paulus schrijft aan de Christenen van Rome: “Bemint elkander hartelijk met broederlijke genegenheid. Acht anderen hoger dan uzelf” (Romeinen 12, 10). Dienstbaarheid, de ander hoger achten dan jezelf, een houding waarin je jezelf ondergeschikt maakt aan de ander; dit begrip is fundamenteel aan ons christelijk leven.

Het woord onderdanigheid heeft echter een negatieve lading gekregen. Wij associëren het met slaafsheid, gedwee gehoorzamen, zonder ruggengraat, angstig en niet zelfstandig leven. Die associaties moeten we hierbij vergeten. Wat Paulus vooral bedoelt is: “De ander zeggenschap geven, gezag, respect en achting”.

De man als hoofd van het gezin heeft voor Paulus en voor de Kerk niets te maken met “de baas spelen”. Paulus kiest niet voor de Romeinse alleenheerser, met macht over leven en dood. Voor Paulus is het hoofd van het gezin iemand die Christus vertegenwoordigt, zoals de bisschop met zijn priesters en diakens dat moet doen binnen de Kerk. Hoofd van het gezin is in feite een priesterlijk dienstwerk binnen het gezin. Paulus vraagt aan de vrouwen om hun man die rol te geven. Ook voor de mannen heeft Paulus echter een boodschap: Wil je die priesterlijke rol vervullen, dan moet je Christus navolgen, dan moet je je vrouw liefhebben zoals Christus de Kerk heeft liefgehad.

Om dit alles goed te verstaan is het belangrijk dat we de beginzin van Paulus niet vergeten: “Broeders en zusters. Weest ‘elkander’ onderdanig uit ontzag voor Christus”. De man moet net zo dienstbaar aan zijn vrouw en kinderen als de vrouw aan man en kinderen. Hij moet zich naar hen schikken. Het gaat uiteindelijk om een houding naar elkaar toe waarin ieder de ander hoogacht en van harte bereid is zelf een treetje lager te gaan staan. Dat betekent: Je eigen verlangens opzij kunnen zetten, je eigen ideeën niet steeds de voorrang geven, jezelf niet groot maken en jouw talenten in dienst stellen van de anderen. Of zoals Jezus het zegt: “Wie mijn volgeling wil zijn, moet Mij volgen door zichzelf te verloochenen en zijn kruis op te nemen. Want wie zijn leven wil redden, zal het verliezen. Maar wie zijn leven verliest om mijnentwil zal het vinden” (Mt. 16, 24-25).

Pastoor Michel Hagen

Back To Top