skip to Main Content

Wij zijn geschapen naar het beeld van Gods innerlijk, dat is het beeld van Gods barmhartigheid, Gods liefde, Gods zorg voor mensen, Gods houding van nabijheid, Gods grote respect voor onze vrijheid, Gods voortdurende bekommernis om ons heil en God nooit aflatende inspanning om ons op de weg te begeleiden die leidt naar de hemel.

Eucharistieviering in de parochie van de H. Augustinus, in de kerken van H. Joannes de Doper (Katwijk) en de H. Willibrord (Oegstgeest), weekeinde van 25 en 26 november 2017, om 19.00, 09.30 en 11.00 uur, door pastoor Michel Hagen. A.M.D.G. – I.H.S.

Preek: A2017DHJ34A

Lezingen

E.L: Ezechiël 34, 11-12. 15-17
Psalm: Ps. 23 (22), 1-2a, 2b-3, 5-6
T.L: 1 Korinte 15, 20-26. 28
All. Vers. Marcus 11, 10
EV: Matteüs 25, 31-46

Homilie

Weet u nog de lezingen van de afgelopen weken, op de 32e zondag de vijf wijze en vijf onwijze meisjes. Onwijs ben je wanneer je de liefde voor God en de naaste loslaat en alleen nog je eigenbelang nastreeft. Net zo onwijs was op de 33e zondag de man die zijn ene talent in de grond stopte. Hij had zo’n hekel aan zijn heer, dat hij hem geen cent voordeel gunde. Ook die man had zich opgesloten in eigenliefde en daarmee bleef zijn talent onvruchtbaar.

Vandaag zegt Jezus ons waarvoor Hij wil dat wij onze talenten inzetten. Vanouds noemen we dit de zeven werken van barmhartigheid. Dat zijn: De hongerigen spijzen, de dorstigen laven, de naakten kleden, de vreemdelingen herbergen, de zieken verzorgen, de gevangenen bezoeken, de doden begraven. Daarnaast kennen we ook de geestelijke werken van barmhartigheid. Dat zijn: De onwetenden onderrichten, goede raad geven bij moeilijkheden, de bedroefden troosten, de zondaars terechtwijzen en waarschuwen, het onrecht geduldig dragen, beledigingen vergeven, voor de levenden en overledenen bidden.

Elk werk van barmhartigheid is een vrucht van de liefde en ik vroeg me af of ik van elk werk ook een concreet voorbeeld zou kunnen vinden in het leven van Jezus Zelf. Dat lukt min of meer. Soms is het meteen duidelijk, zoals bij de hongerigen spijzigen. Denk aan de wonderbare broodvermenigvuldiging. Of denk aan de bruiloft van Kana – de dorstigen laven en ook bij de zorg voor de zieken is het overduidelijk, zoals Jezus de schoonmoeder van Petrus geneest of de lamme op de brancard en vele anderen.

Bij de naakten kleden is het lastig om direct een voorbeeld uit het leven van Jezus te vinden. Maar wanneer Hij melaatsen geneest, die door hun melaatsheid in vodden moesten lopen, bekleedt Hij ze opnieuw. En wat heeft Jezus gedaan om vreemdelingen te herbergen? Dan denk ik aan zijn uitspraak: “Komt allen tot Mij die uitgeput zijt en onder lasten gebukt” (Matteüs 11,28). Heeft Jezus ook zelf gevangenen bezocht? Dat moeten we misschien wat meer geestelijk verstaan. De gevangenen in de geschiedenis van Israël waren vooral de ballingen die als gevangen waren weggevoerd en in ballingschap leefden. Bij zijn optreden in Nazaret benoemde Jezus zijn zending met de woorden van Jesaja: “De geest des Heren is over mij gekomen, omdat Hij mij gezalfd heeft. Hij heeft mij gezonden om aan armen de Blijde Boodschap te brengen, aan gevangenen hun vrijlating bekend te maken … (Lucas 4, 18). En de doden begraven, zoals we dat in het boek Tobit zo mooi beschreven zien. Jezus overtreft dit begraven door Lazarus uit het graf terug te roepen. Jezus overwint de dood. De Christelijke begrafenis is gericht op het eeuwig leven.

Wanneer je zo kijkt, begrijp je meteen dat de liefde vindingrijk is, zij beperkt zich ook niet tot een lijstje van veertien onderwerpen. God vraagt aan ons of wij onze talenten hebben ingezet, of we bereid zijn geweest olie te kopen en ons geld te investeren voor zijn koninkrijk. Hij vraagt of we licht hebben gebracht in de duisternis, licht waarmee we de weg voor de bruidegom hebben bereid, licht waarmee we klaar stonden voor zijn komst, toen Hij onverwacht verscheen als een bedelaar, toen Hij daar ineens lag als een beroofde man langs de weg, toen Hij op ons pad kwam als een melaatse, als een hongerige, als een vluchteling, als een eenzame oudere.

Wanneer wij zeggen: God, in ben niet naar de gevangenis gegaan, maar ik heb wel eenzame mensen bezocht en meegenomen, mensen die gevangen bleven in hun kamer en in hun angst voor de omgeving; Als wij zeggen: God, niemand heeft bij mij gebedeld om voedsel, maar ik heb ruimhartig de voedselbank gesteund en acties gesteund voor voedselpakketten in Oost Europa en andere gebieden; Als wij zeggen: God ik zie in ons land geen dorstige mensen, maar ik heb wel kinderen opgevangen die dorst hadden naar moederlijke of vaderlijke aandacht; Als wij zeggen: God er zijn weinig naakten te kleden in ons land, maar ik heb gekeken of ik mensen hun waardigheid weer terug kon geven, door hen te bevestigen in wie ze als mens zijn; Als we zeggen: God, de ziekenzorg is in ons hand goed geregeld. Ik heb me gericht op mantelzorg, voor mijn buren en als vrijwilliger in de ouderenzorg; Als wij dit alles oprecht tegen God kunnen zeggen: Dan zal Hij zeggen: “komt, gezegenden van mijn Vader, en ontvangt het Rijk dat voor u gereed is vanaf de grondvesting der wereld; voorwaar, Ik zeg u: al wat gij gedaan hebt voor een dezer geringsten van mijn broeders en zusters, hebt gij voor Mij gedaan”.

Toen God de Mens schiep naar zijn beeld, schiep Hij hem niet naar een uiterlijk beeld van God, dat is onmogelijk. Wij zijn geschapen naar het beeld van Gods innerlijk, dat is het beeld van Gods barmhartigheid, Gods liefde, Gods zorg voor mensen, Gods houding van nabijheid, Gods grote respect voor onze vrijheid, Gods voortdurende bekommernis om ons heil en God nooit aflatende inspanning om ons op de weg te begeleiden die leidt naar de hemel. Wil je werkelijk mens zijn zoals God je heeft bedoeld, zet dan stappen op die weg, in navolging van Christus. Wanneer je zijn weg gaat met de werken van barmhartigheid, wanneer je nadenkt of je daar in onze tijd opnieuw invulling aan kunt geven, maak je dan geen zorgen of je gerekend zult worden onder de onwijze meisjes, of je beschouwd wordt als de man die zijn talent heeft begraven of dat je bij de bokken aan de linkerhand van de koning komt. Geen zorgen, want dan is Gods beeld in jou tot bloei gekomen, dan hoor je werkelijk bij zijn kinderen, dan zegt Hij: Kom binnen en deel in mijn vreugde. Amen.

Voorbede

Wij bidden tot God in geloof en vertrouwen.

Wij bidden voor alle mensen die Christus als de koning van hun leven zien, dat zij zich innerlijk meer en meer op Hem richten en Hem navolgen in zijn werken van barmhartigheid. (Laat ons [zingend] bidden):

Wij bidden voor onze samenleving, voor keizers en koningen, voor presidenten en regeringsleiders, voor allen die macht hebben door bezit of invloed, dat zij hun mogelijkheden en vermogen inzetten om de mensheid te dienen naar het voorbeeld van Christus Koning. (Laat ons [zingend] bidden):

Wij bidden voor onze parochie en onze parochiekernen. Dat het ons steeds beter lukt om te kiezen voor wat werkelijk waarde heeft, dat we vol vreugde onze talenten inzetten voor Gods Koninkrijk. (Laat ons [zingend] bidden):

Wij bidden voor gezinnen en alleenstaanden, voor echtparen, ouders, kinderen en kleinkinderen, dat we de dienstbare liefde, waardoor Christus onze koning is, zelf in de praktijk brengen. (Laat ons [zingend] bidden):

Intenties

Back To Top