Ga naar hoofdinhoud

Het evangelie van vandaag gaat over hen die uitgenodigd zijn voor het bruiloftsmaal van de Zoon. De vraag is of wij de uitnodiging aannemen of niet.

Eucharistieviering in de kerk van de H. Lambertus (Kralingen), weekeinde van 14 en 15 oktober 2023, om 19.00, 10.00 en 12.00 uur, door plebaan Michel Hagen. A.M.D.G. – I.H.S.

Preek: A2023DHJ28A

Lezingen

E.L: Jesaja 25, 6-10a
Psalm: Ps. 23 (22), 1-3a, 3b-4, 5, 6
T.L: Filippenzen 4, 12-14. 19-20
All. Vers. Cf. Efese 1, 17-18
EV: Matteüs 22, 1-14 of 1-10

Homilie

De afgelopen weken hoorden we een aantal gelijkenissen van Jezus. Het begon vier weken geleden met de gelijkenis van de werkers van het eerste uur en die van het elfde uur. Die gelijkenis eindigde Jezus met de uitspraak: Ik wil aan degene die het laatst gekomen is, evenveel geven als aan u. Mag ik soms met het mijne niet doen wat ik verkies of zijt ge kwaad, omdat ik goed ben’? Zo zullen de laatsten de eersten en de eersten de laatsten zijn.”

De week daarna volgde de gelijkenis van de twee zonen. De eerste zij ja, maar hij deed het niet niet, de tweede zei nee, maar ging uiteindelijk wel. Die gelijkenis eindigde Jezus met deze uitspraak: “Voorwaar, Ik zeg u: de tollenaars en de ontuchtige vrouwen gaan eerder dan gij het Rijk Gods binnen. Johannes kwam tot u en beoefende de gerechtigheid; toch hebt gij hem geen geloof geschonken, terwijl de tollenaars en de ontuchtige vrouwen hem wel geloof schonken. Maar zelfs, nadat ge dit had gezien, zijt ge toch niet tot inkeer gekomen en hebt ge hem geen geloof geschonken.”

Verleden week volgde de parabel van de onbetrouwbare pachters van de wijngaard die de opbrengst niet wilden afstaan, die de knechten mishandelden en uiteindelijk ook de zoon vermoordden. Die gelijkenis eindigde Jezus met deze zin: “Het Rijk Gods zal u ontnomen worden en gegeven aan een volk dat wel de vruchten daarvan opbrengt”.

Vandaag dan de gelijkenis van de bruiloft. De eerste gasten komen niet, ze hebben het te druk met hun eigen dingen, het feest van de koning interesseert hen feitelijk niet. Dan mag iedereen komen, mits je het feestkleed voor de koning draagt. In deze gelijkenis zien we hetzelfde als in die van verleden week, bij de onbetrouwbare pachters: “De overigen grepen zijn dienaars vast, mishandelden en doodden hen. Nu ontstak de koning in toorn, stuurde zijn troepen en liet de moordenaars ombrengen en hun stad in brand steken”.

In zeker zin zijn het steeds variaties op hetzelfde thema: “De laatsten zullen de eersten en de eersten de laatsten zijn”. “De tollenaars en de ontuchtige vrouwen gaan eerder dan gij het Rijk Gods binnen”. “Het Rijk Gods zal u ontnomen worden en gegeven aan een volk dat wel de vruchten daarvan opbrengt”. “De koning stuurde zijn troepen en liet de moordenaars ombrengen en hun stad in brand steken”.

De werkers in de wijngaard sluiten een verbond met de wijngaardenier. De vader geeft zijn twee zonen een opdracht. De pachters mogen de wijngaard beheren. En dan bij de bruiloft zijn er de genodigden.

Werkers, zonen, pachters, genodigden. Dit gaat over het Israël in de tijd van Jezus en over ons, over de Kerk. Het is niet verstandig om de Kerk van nu af te zetten tegen het Israël van die dagen. Want de kans bestaat dat wij ons net zo gedragen als zij toen en dan is er geen verschil meer. Wij zijn in principe de werkers van het laatste uur, wij zijn die tweede zoon, wij zijn die volken die de herkansing kregen en aannamen. Wij hebben Christus aangenomen als onze Redder en Heer. Maar als ook wij blijven steken bij mooie woorden en niet doen wat Hij ons voordeed, zijn we geen haar beter, dan zijn we hetzelfde als die eerste zoon die ja zei, maar nee deed. Dan zijn wij pachters van Gods koninkrijk zonder dat wij vruchten afdragen. Dan zijn wij genodigden die niet komen.

Toch is bij die laatste gelijkenis een opvallend verschil. Bij de eerste drie ging het over een wijngaard. Nu gaat het over een bruiloft. Bij de eerste ging het over werken in de wijngaard, nu gaat het over een feestmaal. Bij die eerste ging het over een opdracht, een taak en vruchten dragen. Nu gaat het over genodigden die worden opgeroepen te komen.

Vandaag komt meer dan hiervoor de vrijheid naar voren, de mogelijkheid, de kans, de uitnodiging. In het Evangelie van Johannes zegt Jezus tegen zijn leerlingen: “Ik noem u geen dienaars meer, want de dienaar weet niet wat zijn heer doet, maar u heb Ik vrienden genoemd, want Ik heb u alles meegedeeld wat Ik van de Vader heb gehoord”.

Johannes plaatst aan het begin van zijn evangelie de bruiloft van Kana, daarmee typeert hij de nieuwe tijd van Gods Volk als een bruiloftsfeest. Johannes de Doper zegt bij hem: “De bruidegom is hij die de bruid heeft, maar de vriend van de bruidegom, die staat te luisteren of hij hem hoort, is al vol blijdschap wanneer hij de stem van de bruidegom verneemt. Zo nu is mijn vreugde en ze is volkomen”.

Wij mogen vrienden van de bruidegom zijn, genodigden op het eeuwig bruiloftsfeest dat is begonnen met de komst van Christus in de wereld. Wij zijn zonen en dochters, ja de Vader vraagt ons te werken in zijn wijgaard, ja, wij zijn de volken die pas laat ter elfder ure in de wijngaard zijn gekomen, maar volop mee mogen doen en dezelfde beloning krijgen, ja wij moeten zijn wijngaard goed beheren en vruchten dragen van liefde en gerechtigheid, maar meer dan dat; wij zijn genodigden als vrienden van de bruidegom, meer nog, door Hem mogen wij God Vader noemen, zijn wij zonen en dochters.

Nemen wij die uitnodiging aan? Horen wij de uitnodiging en springt ons hart op van blijdschap dat de bruiloft is begonnen? Komen wij los van ons eigenbelang in deze wereld en verheugden we ons in de komst van Gods Koninkrijk? Of missen we de kans, laten we zijn uitnodiging aan ons voorbijgaan? Het is aan u en mij aan ieder van ons of we meedoen of niet. Amen.

Voorbede

Wij bidden tot God die de mensen uitnodigt tot het eeuwig bruiloftsmaal van zijn Zoon.

Wij bidden voor de Kerk, voor de deelnemers aan de synode, om een goede dialoog waarin de Heilige Geest de ruimte krijgt. Wij bidden voor alle vervolgde christenen, dat zij standhouden in geloof, hoop en liefde en een veilig heenkomen vinden. (Laat ons [zingend] bidden):

Wij bidden met paus Franciscus op voorspraak van Maria om duurzame vrede: voor de inwoners van de vele landen die getekend worden door oorlog en conflicten, in en rond Israël, in Nagorno Karabach, Oekraïne, Zuid-Soedan, Nigeria en Jemen en andere conflictgebieden (Laat ons [zingend] bidden):

Wij bidden voor alle mensen die slachtoffer zijn van natuurgeweld, zoals van de aardbevingen in Turkije, Marokko en Afghanistan en van de overstromingen in Libië en India. Dat allen op voorspraak van onze moeder Maria bijstand en hulp ontvangen. (Laat ons [zingend] bidden):

Wij bidden voor gezinnen en alleenstaanden, voor ouders en grootouders, kinderen en kleinkinderen, dat we thuis en in ons werk, op school en in de sport, leven als vrienden van de Heer en ons gedragen als Gods kinderen die genodigd zijn tot het eeuwig bruiloftsfeest. (Laat ons [zingend] bidden):

Intenties:

Back To Top