Skip to content

In het Evangelie wijst Jezus ons een weg die we zelf zo snel niet zouden vinden. Hij leert ons met de zaligsprekingen de omgekeerde wereld van God.

Preek: A2026DHJ04A (zie 2023)

Lezingen

E.L: Sefanja 2, 3; 3, 12-13
Psalm: Ps. 146 (145, 7, 8-9a, 9bc-10
T.L: 1 Korinte 1, 26-31
All: Johannes 1, 14 en 12b
EV: Matteüs 5, 1 -12a

Homilie

Weet u wat ootmoedig betekent? Het woord komt in de eerste lezing drie keer voor. Ootmoedigen van het land, zoekt de ootmoed. Dan laat ik bij u alleen nog over een ootmoedig volk.

Ootmoedig betekent zoiets als inschikkelijk, bereidwillig van hart. Sefanja zegt dus in de eerste lezing: Zoekt de Heer, jullie allen, bereidwilligen van het land, die zijn geboden naleeft; zoekt de gerechtigheid, zoekt de bereidwilligheid! … Dan laat ik bij u alleen nog over een bereidwillig, bescheiden volk, dat zijn toevlucht vindt bij de Naam van de Heer: de rest van Israël.

Sommigen denken bij ootmoed aan het tegenovergestelde van hoogmoed, maar tegenover hoogmoed staat nederigheid. Ootmoed heeft te maken met meegaandheid, een meegaand gemoed, een inschikkelijke houding naar God. Ootmoed staat zo tegenover halsstarrigheid. Denk aan het volk in de woestijn, het was koppig, eigenwijs niet meegaand, halsstarrig. Maar ootmoedig is ook niet hetzelfde als gedwee. Gedwee lijkt eerder willoos te zijn. Ootmoedigheid vraagt dat je actief en bewust instemt met de Ander, dat je instemt met Gods plannen.

Dit is een wat langere inleiding omdat sommige woorden uit ons spraakgebruik verdwijnen, waardoor je niet goed meer weet wat ze betekenen. Ook in het Evangelie zien we zulke begrippen zoals: arm van geest, zachtmoedig, barmhartig en zuiver van hart.

Als Jezus Gods Rijk verkondigt en genezingen verricht, raakt Hij geregeld in conflict met Farizeeën, met Schriftgeleerden, Oudsten, Hogepriesters, Sadduceeën en Herodianen. Veel van hen kun je rekenen tot de aanzienlijken, de machtigen. Zij hebben hun lobbygroepen, hun netwerken, hun macht; ze kunnen Herodes en Pilatus onder druk zetten, ze kunnen het volk bespelen, ze hebben geld, ze kunnen mensen omkopen.

Tegenover die eigenmachtigheid zet Jezus de houding die we herkennen in deze eerste lezing. Een ootmoedig, gewillig volk dat luistert naar Gods stem en dat bereid is Gods wil te doen. Die houding zien we bij Jezus Zelf. Hij leert het ons in het Onzevader: Uw wil geschiede zoals in de hemel zo ook op aarde.

Zo vormt zich een volk met gewone eenvoudige mensen, zonder macht en aanzien, kwetsbaar, maar die oprecht het goede doen en luisteren naar Gods Stem,

Op de achtergrond spelen natuurlijk de grote verhalen zoals over de eerste mens, de Adam en de Eva, die niet luisterden maar ingingen op de verleiding. En ook het exodusverhaal, het vertrek uit Egypte met de opstandigheid en halsstarrigheid van het volk dat in de woestijn opstond tegen Mozes. Het had een korte reis kunnen worden vanuit Egypte naar het beloofde land. Maar door de opstandigheid, het niet gewillig luisteren naar Gods Woord, veranderde dit in een tocht van veertig jaar waarbij vrijwel een hele generatie in de woestijn stierf en een nieuwe generatie het Beloofde Land binnen kon trekken.

Kijken we vanuit die achtergrond naar onze tijd. Ruim 1600 jaar geleden, eind vierde eeuw, werd het Christendom staatsgodsdienst. De keizer vond dat een goed idee. Toen is het Christendom enorm gegroeid, enorm groot geworden. Je moest christen zijn; heidendom werd verboden.

In onze tijd zie je een omgekeerde beweging. In de 19e eeuw gingen Kerk en staat uit elkaar; scheiding van Kerk en staat. De staat bemoeit zich niet intern met de Kerk en de Kerk niet met de staat. In de 19e eeuw leidde dat in sommige kerken eerst tot versterking, maar nu 100 jaar later, hebben andere ideologieën en stromingen alle ruimte gekregen. Het idee dat God niet bestaat of dat je God niet nodig hebt, kreeg alle kans en werd actief verspreid.

De Kerk werd 1600 jaar geleden groot omdat de staat de Kerk steunde door wetten. De Kerk werd daarna machtig, soms machtiger dan de staat. De kerk werd in sommige landen rijk met landerijen en gebouwen. Inmiddels is dat al lang geschiedenis. Geloof en Kerk worden niet beschermd. Wetten veranderen en lobbygroepen pluggen hun ideeën.

De geschiedenis herhaalt zich is een bekend gezegde. Dat zie je hier ook. Wij keren terug naar de tijd van de Christenen in de eerste drie eeuwen. De geschiedenis die we kunnen zien bij Israël, zien we ook in de Kerk. De eerste lezing van Sefanja herinnert ons eraan: “Dan laat ik bij u alleen nog over een ootmoedig, bescheiden volk, dat zijn toevlucht vindt bij de Naam van de Heer: de rest van Israël. Zij zullen geen onrecht meer doen en geen onwaarheid meer spreken; in hun mond is geen tong die bedriegt”.

Ook Paulus, in de tweede lezing, is vertrouwd met deze gedachte: Naar menselijke maatstaf waren er niet velen geleerd, niet velen machtig, niet velen van hoge afkomst. Wat voor de wereld zwak is, heeft God uitverkoren om het sterke te beschamen, wat niets is om teniet te doen wat iets is.

Gods Volk kan weer echt worden, authentiek, gelovig, rechtvaardig, gewillig luisterend naar Gods wil. Zo zegt Jezus ook tegen ieder van ons, ook anno 2026: Zalig de armen van geest, zalig de treurenden, zalig de zachtmoedigen, zalig die hongeren en dorsten naar de gerechtigheid, zalig de barmhartigen, zalig de zuiveren van hart, zalig die vrede brengen, zalig die vervolgd worden om de gerechtigheid. Zij zullen Gods Volk zijn en Hij God met hen zal hun God zijn. Een eenvoudig en gewillig Volk van God. Amen.

Voorbede

Bidden wij tot God die ons liefheeft en naar ons luistert en die dezelfde is in verleden, heden en toekomst.

Wij bidden voor ons bisdom en onze parochies, dat we in dit jubileumjaar elkaar steunen en samen vooruit gaan op de weg van Christus, dat we zijn Woord ter harte nemen en onszelf oefenen in de houding die Christus ons leert in de zaligsprekingen. (Laat ons [zingend] bidden):

Wij bidden voor de wereld, om vrede en verzoening, om wijsheid en zorgzaamheid, wij bidden voor de nieuwe regering met nieuwe ministers, dat zij alles in het werk stellen om de zwakkeren in de samenleving te beschermen. Laat ons [zingend] bidden):

Wij bidden voor mensen die onder lasten gebukt gaan, de last van het leven, bij tegenslagen, ziekte, ouderdom, onveiligheid of eenzaamheid, dat zij Gods nabijheid mogen ervaren door de hulp van medemensen die Jezus navolgen. (Laat ons [zingend] bidden):

Wij bidden voor gezinnen; voor echtparen en alleenstaanden, voor ouders en grootouders, kinderen en kleinkinderen; wij vragen we dat Gods liefde mag wonen in onze gezinnen, dat de Heilige Geest ons helpt om weerstand bieden aan de verleidingen van de wereld. (Laat ons [zingend] bidden):

Intenties

Back To Top