skip to Main Content

Onderdanig: Het gaat om een houding naar elkaar toe waarin ieder de ander hoogacht en van harte bereid is zelf een treetje lager te gaan staan: Je eigen verlangens opzij kunt zetten; Je eigen ideeën niet steeds de voorrang geven; Jezelf niet groot maken; Je talenten in dienst stelt van de ander.

Eucharistieviering in de parochie van de H. Augustinus, in de kerken van Sint Willibrordus (Wassenaar), de H. Laurentius (Voorschoten), weekeinde van 25 en 26 augustus 2018, om 19.00, 09.30 uur en 11.00 uur, door pastoor Michel Hagen. A.M.D.G. – I.H.S.

Preek: B2018DHJ21B

Lezingen

E.L: Jozua 24, 1-2a. 15-17.18b
Psalm: Ps. 34 (33), 2-3, 16-17, 18-19, 20-21, 22-23
T.L: Efeziërs 5, 21-32
All. Vers. Johannes 14, 23
EV: Johannes 6, 60-69

Homilie

Ik denk dat uit de drie lezingen één zin is blijven hangen. Een zin die u bekend is en die altijd wel wat reactie oproept: “Vrouwen, weest onderdanig aan uw man als aan de Heer”.

Klopt het? Roept deze zin weerstand op? Bij het schrijven van mijn preek, was ik op een goed moment al ver over de helft wat de tijd betreft. Hij werd dus te lang. Daarom in het kort de vraag wat dat Griekse woord betekent dat Paulus gebruikt? “Hupotassomenoi”. Komt dat woord ook op andere plaatsen voor? Waarom schreef Paulus het toen zo? Zegt het iets over die tijd? Wat kan het betekenen voor onze tijd? Ik merkte dat ik er steeds meer bijbelwetenschap in begon te stoppen. Ik moet het dus beperkt houden.

Een bekende zin over Jezus als twaalfjarige, teruggevonden in de tempel is deze: “Hij ging met hen mee naar Nazaret en was aan hen onderdanig” (Lucas 2, 51a). Het betekent dat Jezus zich niet boven zijn ouders stelde, maar het gezag aan hen toekende. Paulus schrijft aan de Christenen van Rome: “Bemint elkander hartelijk met broederlijke genegenheid. Acht anderen hoger dan uzelf” (Romeinen 12, 10). Paulus reageert vandaag op een vrouwen emancipatiebeweging die in die tijd de christelijke gezinnen ontwrichtte.

Dienen en dienstbaarheid, de ander hoger achten dan jezelf, een houding aannemen waarin je jezelf ondergeschikt maakt aan de ander; dit zijn christelijke begrippen die fundamenteel zijn aan ons christelijk leven. Maar het woord onderdanigheid heeft een negatieve lading gekregen. Wij associëren het met slaafsheid, gedwee gehoorzamen, zonder ruggengraat, angstig en niet zelfstandig leven. Die associaties moeten we hierbij vergeten. Wat Paulus vooral bedoelt is: “De ander zeggenschap geven, gezag, respect en achting”.

De man als hoofd van het gezin heeft niets te maken met “de baas spelen”. Paulus kiest niet voor de stijl van de Romeinse alleenheerser, met macht over leven en dood. Voor Paulus is het hoofd van het gezin iemand die Christus vertegenwoordigt, zoals de bisschop met zijn priesters en diakens dat moet doen binnen de kerk. Hoofd van het gezin is in feite een priesterlijke rol binnen het gezin. Paulus vraagt aan de vrouwen om hun man die rol te geven.

Maar aan de mannen heeft Paulus ook een boodschap. Wil je die priesterlijke rol vervullen, dan moet je Christus navolgen, dan moet je je vrouw liefhebben zoals Christus de Kerk heeft liefgehad. En als we zien wat Christus voor de Kerk heeft overgehad, dan gaat die opdracht nog een graad verder dan wat hij daarvoor noemde.

Maar om dit alles goed te verstaan is het belangrijk dat we bij de tweede lezing de openingszin niet vergeten. “Broeders en zusters. Weest elkander onderdanig uit ontzag voor Christus.” De man moet net zo dienstbaar aan zijn vrouw en kinderen als de vrouw aan man en kinderen. Hij moet zich naar hen schikken. Het gaat uiteindelijk om een houding naar elkaar toe waarin ieder de ander hoogacht en van harte bereid is zelf een treetje lager te gaan staan.

Dat betekent dat je je eigen verlangens opzij kunt zetten, dat je je eigen ideeën niet steeds de voorrang geeft. Dat je jezelf niet groot maakt. Dat je jouw talenten in dienst stelt van de anderen. Dat leren we van Maria in haar lied: “Machtigen haalt Hij omlaag van hun troon, eenvoudigen brengt Hij tot aanzien” (Lucas 1, 52). Of zoals Jezus het zegt: “Wie mijn volgeling wil zijn, moet Mij volgen door zichzelf te verloochenen en zijn kruis op te nemen. Want wie zijn leven wil redden, zal het verliezen. Maar wie zijn leven verliest om mijnentwil zal het vinden” (Mt. 16, 24-25).

Kijken we vanuit deze gedachte naar het Evangelie. Daar speelt een soortgelijke situatie: “In die tijd zeiden velen van Jezus’ leerlingen: ‘Deze taal stuit iemand tegen de borst. Wie is nog in staat naar Hem te luisteren’?” Die reactie sloeg op het woord van Jezus dat we de afgelopen zondagen hoorden waarin Hij zei: “… als gij het vlees van de Mensenzoon niet eet en zijn bloed niet drinkt, hebt gij het leven niet in u” (Johannes 6, 53b).

Om Jezus te volgen hebben we een houding van ontvankelijkheid nodig, ontvankelijkheid die begint met vertrouwen dat Jezus werkelijk Gods Woord spreekt. Vertrouwen en ontvankelijkheid als elementen van geloof. Zonder dat, als we kritisch alles meten aan alleen onze eigen maatstaf, of de maatstaf die de maatschappij ons inprent, dan missen we de kern, dan missen we wat Hij ons wil zeggen en dan missen we ook de genade die Hij ons daarin geeft.

Petrus begon dat te begrijpen, hij had het in die periode zelf ervaren en hij kon een stap zetten; niet alles meteen begrijpen, wel vertrouwen dat wat Jezus zegt en doet, ons dichter bij God en elkaar brengt. Zo zegt hij: “Heer, naar wie zouden wij gaan? Uw woorden zijn woorden van eeuwig leven en wij geloven en weten dat Gij de Heilige Gods zijt.”

Ook na deze woorden zal Petrus Jezus nog verloochenen. Zoals ook de Kerk in allen eeuwen steeds veel tekortkomingen heeft gehad, tot het recente verleden toe. Toch is dit geloof onze basis. Wij blijven bij Christus en we blijven bij elkaar, als Kerk, mannen en vrouwen, met onze tekortkomingen. Want we geloven dat Hij onze weg ten leven is, onze toekomt, onze redding. Amen.

Voorbede

Wij bidden tot God die ons voedt naar lichaam en ziel.

Wij bidden voor alle gelovigen, bijzonder voor alle gehuwden, dat zij in hun houding naar elkaar, Christus navolgen, dat dienstbare liefde, gesterkt door het geloof, de dragende kracht mag zijn van hun verbondenheid, dat zij zegen ontvangen voor zichzelf en hun kinderen. (Laat ons [zingend] bidden):

Wij bidden voor onze wereld, dat positieve bewegingen rond mensenrechten voor mannen, vrouwen en achtergestelde groepen, niet gemanipuleerd worden voor ander belangen of door eenzijdigheid ontwrichtend werken in gezinnen en in de maatschappij. We vragen God daarin om wijsheid en kracht en zijn helpende hand. (Laat ons [zingend] bidden):

Wij bidden voor alle mensen die schade hebben geleden aan verkeerde geloofsopvattingen, aan kerkelijke eenzijdigheid en misbruik van macht, bidden wij voor de slachtoffers, dat we samen met hen wegen vinden voor erkenning en herstel, vertroosting en genezing. (Laat ons [zingend] bidden):

Wij bidden voor gezinnen en alleenstaanden, voor echtparen, ouders, kinderen en kleinkinderen; dat we steeds weer mogen ontdekken dat Christus woorden spreekt van eeuwig leven, dat wij dit in geloof aan elkaar weten door te geven. (Laat ons [zingend] bidden):

Intenties

Back To Top