skip to Main Content

B2021DHJ06B

Wanneer moet je spreken en wanneer moet je zwijgen? Vandaag zien we een wonderlijke situatie in het leven van Jezus en in het leven van een melaatse. Prudentie is geboden. In deze Eucharistie mogen we vragen om wijsheid om steeds het goede te kiezen en het goede te doen.

Lezingen

E.L: Leviticus 13, 1-2, 45-46
Psalm: Ps. 32 (31), 1-2, 5, 11
T.L: 1 Korinte 10, 31-11.1
All. Vers. Johannes 8, 12
EV: Marcus 1, 40-45

Homilie

Zwijgen of spreken? Die vraag komen we tegen in het Evangelie van vandaag. We zien een melaatse man die smekend bij Jezus komt. Jezus geneest hem en zo kan de man weer rein worden verklaard. Maar Jezus vermaande hem met klem: “Zorg ervoor dat ge aan niemand iets zegt, (…)”. Spreek er niet over.

We leven in een tijd waarin we ons bewust zijn geworden omtrent transparantie, openheid, geen achterkamertjespolitiek, geen geheime afspraken. Toch zegt Jezus vandaag: “Zorg ervoor dat ge aan niemand iets zegt, (…)”. Wanneer moet je zwijgen of spreken. Waar zit het onderscheid?

Jezus geneest de man, Hij doet iets goeds, iets heilzaams; het is voor deze man het verschil tussen leven en dood. Door zijn melaatsheid was hij meer dood dan levend. Eenmaal genezen en gereinigd kan hij weer een sociaal leven oppakken, onder de mensen komen.

In deze coronatijd ervaren we wat het betekent als je sociale leven wordt gekortwiekt. Dankzij de nieuwe media is de communicatie nog enigszins mogelijk, maar tegelijk merk je beter dan ooit wat het verschil is wanneer je iemand daadwerkelijk ontmoet, een hand geeft of omhelst of alleen via een beeldscherm ontmoet. Er wordt inmiddels niet alleen gesproken over coronamoeheid maar ook over beeldschermmoeheid. Neem nu onze situatie, maar dan in de overtreffende trap en niet alleen in deze coronatijd, maar voor de rest van je leven, plus de handicaps van de melaatsheid, zoals verminking van je ledematen, dan wordt inzichtelijk wat dit voor die man betekent. Dus is het te begrijpen dat als hij ziet dat zijn melaatsheid is verdwenen, hij zijn mond niet kan houden, ook al zegt Jezus dat met klem.

Het is een dilemma. Jezus wordt innerlijk geraakt door de ellende van deze man. Jezus heeft de gave om hem te genezen, maar daarvoor is een aanraking nodig. Deze ziekte is niet een demon die Hij met een Woord verdrijft. Dit is een ziekte die Hij geneest door de man aan te raken. Het dilemma is dat Jezus daarmee de Wet van Mozes overtreedt. Demonen moeten zwijgen, maar Jezus stimuleert mensen om van Gods goedheid te getuigen. Een man die bezeten was door een legioen demonen en die door Jezus was bevrijd, kreeg nadrukkelijk de opdracht naar huis te gaan en daar te getuigen wat voor grote dingen God aan hem had gedaan (Marcus 5, 18-20). Nu, bij deze melaatse echter voelt Jezus zich genoodzaakt de man te vragen om te zwijgen.

Jezus neemt hiermee een dubbel risico. Als het aan het licht komt dat Hij tegen de Wet van Mozes in de man heeft aangeraakt, moet Jezus zelf in quarantaine. Als dan ook nog bekend wordt dat Hij de man opdracht had gegeven daarover te zwijgen, kon er nog een aanklacht bijkomen.

Dit dilemma komt voor in de wereld en in de Kerk. Bij de toeslagenaffaire waardoor het kabinet is gevallen, is er veel gesproken over de Rutte-doctrine. Minister-president Mark Rutte vond dat interne discussies tussen ambtenaren onderling en met bewindspersonen niet gedeeld hoefden te worden met journalisten en met de Tweede Kamer. Dan konden ze discussiëren zonder bang te hoeven zijn om aangekeken te worden op onverstandige ideeën. Was die houding nu prudentie of juist een gevaarlijk gebrek aan openheid? Hoe maak je het onderscheid?

Deze Rutte-doctrine ontaarde in een cultuur die uitmondde is geheimhouderij. Dat heeft zeer bijgedragen aan het ongekende onrecht dat duizenden gezinnen met de toeslagenaffaire is aangedaan door een overheid die niet meer ten dienste staat van haar burgers en hen beschermt, maar alleen met een befehl-ist-befehl-mentaliteit een foute politiek en dito wet uitvoert.

Onlangs werd openbaar dat de oprichter van Kerk in Nood zich had misdragen. Uit privacy oogpunt, maar ook om het goede en belangrijke werk van de organisatie niet te schaden, werd daar geen ruchtbaarheid aan gegeven. Maar er was ook een zaligverklaringsproces voor hem gestart en elk jaar werd een Mis gevierd bij zijn gedenkdag. Dat was geen prudentie. We hebben in de Kerk meer van zulke situaties. Ook grote mensen in de Kerk zijn zwakke mensen.

Jezus is primair voor openheid: Wanneer Hij spreekt over de lamp op de standaard, zegt Hij tegen zijn leerlingen: “Niets is verborgen dat niet openbaar gemaakt zal worden; en niets is geheim dat niet aan het licht zal komen” (Marcus 4, 22). Belijdt elkaar uw zonden, schrijft de apostel Jacobus (5, 16).

De melaatse in het Evangelie kan zijn mond niet houden. Jezus heeft dat risico bewust genomen, de barmhartigheid in zijn hart zet Hem aan deze man te helpen: “Terstond verdween de melaatsheid en was hij gereinigd”. Het alternatief voor Jezus was niets doen en zeggen. Sorry, ik kan je wel genezen en reinigen, maar het mag niet van de wet. Daarover is Jezus duidelijk. De wet van Mozes is er voor het heil van de mensen, niet andersom. “De sabbat is gemaakt om de mens, maar niet de mens om de sabbat” (Marcus 2, 27).

De sleutel om aan te geven wanneer je spreken moet of zwijgen, je mond houden of juist getuigen is uiteindelijk Jezus zelf. Wat we bij Jezus zien omtrent zwijgen of spreken is dat beide ten dienste moeten staan van het heil van de mensen en de eer aan God. De wijsheid om dat in de praktijk van het leven te onderscheiden, vragen we aan de Heilige Geest. Amen

Voorbede

Bidden wij in geloof en vertrouwen en vragen wij om de Heilige Geest.

Wij bidden voor de Kerk, om de gave van onderscheid door de Heilige Geest, om moed en kracht; dat zij voor het heil van de mensen menselijke wetten weet te trotseren, dat Gods wet voor het heil van de zielen steeds voorop staat in al haar spreken en werken. (Laat ons [zingend] bidden):

Wij bidden voor onze wereld, om een hernieuwd evenwicht, dat we ziektes ook weer durven zien als risico’s van het leven, om een grotere wijsheid en vindingrijkheid bij de coronamaatregelen, om verstandige en loyale medewerking en prudente handhaving. (Laat ons [zingend] bidden):

Wij bidden voor onze parochie en onze parochiekernen, om de vrijheid van de kinderen Gods, dat we uit liefde voor God en de naaste meer doen dan gevraagd wordt, dat we bereid zijn met Jezus het kruis op te nemen en elkanders lasten te dragen. Om solidariteit tussen de generaties. (Laat ons [zingend] bidden):

Wij bidden voor onze gezinnen, dat we de beperkingen die deze coronatijd ons oplegt benutten nu de veertigdagentijd aanbreekt. Dat we tijd nemen voor meer innerlijk leven, dat we daarbij de relativiteit van het oude normaal gaan inzien en ons meer inzetten voor Gods Koninkrijk. (Laat ons [zingend] bidden):

Intenties

Back To Top