skip to Main Content

B2021DHJ14B

Zoals Nazaret in de tijd van Jezus, zo is de wereld nu. Het woord van Jezus wordt zelden aangenomen. Wij zijn hier gekomen om zijn Woord te horen en zijn Sacrament te ontvangen en met Hem te vieren dat we kinderen van God zijn.

Lezingen

E.L: Ezechiël 2, 2-5
Psalm: Ps. 123 (122), 1-2a, 2bcd, 3-4
T.L: 2 Korintiërs 12, 7-10
All. Vers. Johannes 15, 15b
EV: Marcus 6, 1-6

Homilie

Jezus treft weerstand in zijn vaderstad? Hij komt bij bekenden, familie en vrienden, stadsgenoten, klasgenoten, studievrienden en wordt niet geaccepteerd. Jawel, ze accepteren Hem wel, maar alleen als de timmerman, de zoon van Maria en de broeder van Jakobus en Jozef en Judas en Simon en als broer van zijn zusters die daar wonen. Voor alle duidelijkheid, die broeders en zusters van Jezus zijn geen kinderen van Maria. Maria had maar één Kind, één Zoon, en dat is Jezus. Nergens in de Bijbel lees je dat Maria meer kinderen kreeg. De broeders en zusters zijn de familieleden waarmee Hij is opgegroeid.

Toen de apostel Johannes zijn Evangelie schreef, gaf hij aan het begin een samenvatting, een voorwoord, een proloog. Daarin schrijft hij: “Het licht schijnt in de duisternis maar de duisternis nam het niet aan” (Johanns 1, 5). “Hij was in de wereld; de wereld was door Hem geworden, en toch erkende de wereld Hem niet. Hij kwam in het zijne, maar de zijnen aanvaardden Hem niet” (Johannes 1, 10-11).

Als God Mens wordt in zijn Zoon, aanvaarden de mensen Hem niet. Waarom niet? Omdat wij een totaal verkeerd beeld van God hebben en een totaal verkeerde verwachting. Dat was niet alleen toen zo, dat is een erfenis die van geslacht op geslacht doorgaat. Niet alleen het Joodse volk had dat probleem, ook de heidenen; niet alleen toen, ook nu.

Als de Bijbel schrijft dat wij geschapen zijn naar Gods Beeld en gelijkenis, dan betekent dit dat we in de mens iets van God kunnen waarnemen. Het probleem is dat wij tegelijk ook kinderen van de evolutie zijn en behept met de zonde en tekorten van de eerste mens die van geslacht op geslacht worden doorgegeven.

Daardoor zoeken we de verkeerde dingen bij God en verwachten we de verkeerde dingen. Daardoor gaan we niet meer op God lijken, maar meer op dat wat God juist niet is. We willen groot, machtig, invloedrijk, sterk en onafhankelijk zijn. We willen dienaars hebben die om ons heel lopen, en niet zelf dienaar zijn. We willen dat mensen naar ons opzien, we willen god zijn.

Maar we willen god zijn naar ons beeld. In plaats dat we ons te vormen naar zijn beeld, vormen we god naar ons beeld. Dat is ook het probleem in Nazaret, als Jezus daar komt. In hun verwachting spelen meerdere dingen. Als Hij komt, willen ze delen in zijn roem, ze willen erkenning dat Hij een van hen is, ze willen dat Hij doet wat zij verwachten.

Maar Jezus is leraar en profeet. Hij komt om Gods Woord te brengen, en dat is niet altijd aangenaam, vooral als wij de verkeerde dingen denken en de verkeerde kant opgaan. Zo ontstaat het conflict. Zij hebben verkeerde verwachtingen omdat ze God niet kennen. Er staat: “Hij stond verwonderd over hun ongeloof”.

Van het kleine weer naar het grote en van toen naar nu. In onze tijd geloven mensen eerder in UFO’s dan in het Evangelie, ze geloven eerder in aliens, dan in Jezus en de heiligen. Maar wij hebben soortgelijke problemen. Als een heilige het ene wonder na het andere zou doen, dan loopt de kerk daar in een klap vol. Als een heilige de ene genezing na de ander zou verrichten, dan zou hij of zij dag en nacht mensen aan de deur hebben. Daar heb ik verleden week al over gepreekt, zoals Paulus zegt: “Joden eisen wonderen, heidenen verlangen wijsheid. Maar wij verkondigen een gekruisigde Christus, voor de Joden een aanstoot, voor de heidenen een dwaasheid”.

Het Christendom heeft altijd moeten opboksen tegen magie. Waarom? Omdat magie beloofd dat je krijgt wat jij wilt. Als je genoeg betaalt, als maar de juiste magische spreuken en rituelen uitvoert, dan krijg jij je zin. Bij het Christendom gaat het er niet om dat wij onze zin krijgen, dat God doet wat wij willen, maar dat wij gaan doen wat God wil, dat God zijn zin krijgt. Want het verschil is dat als wij onze zin krijgen dat altijd egoïstische trekken heeft. Terwijl Gods wil is gericht op het goede voor ons en de hele schepping.

De magie van toen heeft een nieuw uiterlijk gekregen, maar is in feite hetzelfde. Nu heet het geen magie meer, maar wetenschap en techniek. Die gebruiken wij nu om onze zin te krijgen, om de natuur te dwingen ons te geven wat wij willen.

Toen God mens werd, was de mensheid wij zo teleurgesteld dat we Hem aan het kruis sloegen. Als dat God is, dan hoeven we Hem niet. En dat is nog steeds zo. Dat is de kern van bekering, dat we niet meer denken uit ons idee, uit de evolutie, de wet van de sterkste, maar dat we horen wat God tot ons zegt, dat we gaan kijken naar zijn Zoon om te ontdekken hoe God werkelijk is. Dat we alle oude ideeën en vooroordelen loslaten, wegdoen, ons omkeren en Hem volgen. De mensheid is zoals de inwoners van Nazaret toen. Toch is het Jezus die ons leert wat mens-zijn werkelijk is, wat goedheid en liefde is, wat zelfopoffering is, wat dienen is, wat vergeven is, wat trouw is.

Jezus leert ons God kennen. Dan pas kunnen wij werken aan onszelf, zodat God zijn beeltenis in ons kan herstellen. Daarover schrijft Johannes: “Aan allen echter die Hem wèl aanvaardden, aan hen die in zijn Naam geloven, gaf Hij het vermogen om kinderen van God te worden. Dat vieren we in ons geloof. Amen.

Voorbede

Wij bidden tot God die onze vader is.

Wij bidden voor allen die in Christus geloven, dat de Heilige Geest hen helpt om los te komen van hoe de wereld denkt, om te gaan denken zoals Jezus ons leert. Dat we Gods wil zoeken en niet onze eigen verlangens najagen. (Laat ons [zingend] bidden):

Wij bidden voor onze wereld, dat de magische betovering van wetenschap en kennis wordt doorbroken, dat onze verwachtingen realistisch worden, dat de wereld ontvankelijk wordt voor de profetische stem van Christus die ons redding biedt. (Laat ons [zingend] bidden):

Wij bidden voor jongeren die na een Coronajaar in deze tijd examens moeten maken en nu uitzien naar de vakantie. Dat ze zich bewust worden van Gods bedoelingen in hun leven; dat ze de schepping waarderen en respectvol en zorgzaam omgaan met hun naasten. (Laat ons [zingend] bidden):

Wij bidden op voorspraak van Sint Jozef voor de gezinnen in dit jaar van het gezin, dat we elkaar niet alleen zien als familieleden, maar vooral zien als kinderen van God, dat we open staan voor Gods werk in de ander die ons iets te zeggen heeft. (Laat ons [zingend] bidden):

Intenties

Back To Top