skip to Main Content

B2021TRIN1B

Een ondoorgrondelijk mysterie, maar tegelijk vol betekenis voor ons die geloven. Dat is het mysterie van Gods Drieëenheid. Dit vieren wij vandaag en in de Eucharistie is God met ons, God, Vader, Zoon en Heilige Geest.

Lezingen

E.L: Deuteronomium 4, 32-34, 39-40
Psalm: Ps. 33 (32), 4-5, 6 en 9, 18-19, 20 en 22
T.L: Romeinen 8, 14-17
All. Apokalyps 1, 8
EV: Mattheüs 28,16-20

Homilie

“De Heer is God in de hemel boven en op de aarde beneden; er is geen ander”. Dat hoorden we in de eerste lezing uit de mond van Mozes. En … God is Vader, Zoon en Geest. Dat hoorden we zowel in de tweede lezing als in het Evangelie. In de tweede lezing zegt Paulus: “Wij hebben de Geest van het kindschap ontvangen die ons doet uitroepen: ‘Abba, Vader!’. (…) als kinderen zijn wij ook erfgenamen van God, tesamen met Christus”. En in het Evangelie horen we deze opdracht van Jezus: “Gaat dus en maakt alle volkeren tot mijn leerlingen en doopt hen in de Naam van de Vader en de Zoon en de Heilige Geest”.

Is er nu een verschil zoals God Zich in het Oude Testament openbaart en in het Nieuwe Testament? Mozes herinnert ons eraan dat God Schepper is. Wij denken daar misschien te weinig aan. Wat God was in het Oude Testament, dat is Hij ook nog steeds in het Nieuwe Testament. God is nog altijd Schepper. We spreken het straks uit in onze geloofsbelijdenis.

Het besef dat God Schepper is, was echter in het Oude Testament, bij Mozes en de profeten en bij het Joodse Volk sterker aanwezig dan bij ons. Het is prachtig uitgedrukt in het Scheppingsverhaal: Licht en donker, aarde en hemel, land en zee, dier en mens. Maar we zien het ook als Mozes Gods Volk uit Egypte leidt. Er zijn tien plagen nodig om Farao op de knieën te krijgen. De natuur keert zich tegen Farao, want God de Heer, de Schepper van de natuur keert zich tegen Farao. De tien plagen zijn natuurrampen die Egypte treffen. Bloedrood ondrinkbaar water, kikkers, muggen, steekvliegen, veepest, zweren, hagel, sprinkhanen, duisternis en de dood van de eerstgeborenen. Gods Volk kwam wonderwel door al deze plagen heen, maar hadden er natuurlijk ook last van. Al was het maar vanwege de boze reacties van de Egyptenaren die steeds meer het idee hadden dat al die ellende door hen kwam.

Maar Mozes heeft deze verhalen niet zomaar opgeschreven. Waarom werd het water bloedrood? Voor Mozes was dit een teken dat God met het water van de Nijl wraak nam op al de vermoorde kinderen van de Joden die in de Nijl waren gegooid; geofferd aan de goddelijke Nijl. Maar God is Heer van het water, dus ook van de Nijl. Het water neemt de kleur van bloed aan als een verwijzing naar al die slachtoffers die in het water van de Nijl waren gedood. Farao zal dit zeker begrepen hebben.

Alles waar Farao en heel Egypte zo prat op gingen werd aangetast. De ene ramp na de andere. Aan de ene kant moet Farao leren dat er maar één God is en dat hij God niet moet tegenwerken. Aan de andere kant moet Israël ontdekken dat ze op Gods Voorzienigheid moet vertrouwen, want God is de Schepper en Heer van heel de schepping.

In het Oude Testament wordt God ook vader genoemd. Mozes zegt het in zijn lied: “Is dat uw dank aan DE HEER, dwaas, onnozel volk? Hij is toch uw vader, Hij heeft u verwekt. Hij heeft u gemaakt, Hij heeft u het leven gegeven” (Deuteronomium 32, 6). Toch is dit vader-zijn van God vooral figuurlijk bedoeld; als Schepper is God ook onze vader.

Het vader-zijn van God krijgt door Jezus een heel nieuwe betekenis. Jezus is de eerste op aarde die tot in het diepst van zijn wezen God als Vader kent. God is zijn oorsprong, God is niet zijn Schepper, God is zijn Vader, want Jezus deelt in het wezen van de Vader; Hij is één met de Vader. Tegelijk wil Jezus alle mensen optillen tot die relatie met God, elke mens draagt Gods beeld in zich, is hoogtepunt van de schepping; als Jezus onze relatie met God herstelt, tilt Hij ons op naar zijn niveau, Hij maakt ons kinderen van God.

Maar dat kan alleen als wij net als Hij deel krijgen aan de Geest van God. In het scheppingsverhaal blaast God de mens tot leven. Toch is dat blazen nog niet het Pinksteren zoals wij dat gevierd hebben. De mens wordt een levend wezen, maar de mens wordt nog niet door God zijn kind genoemd. Misschien was dat gebeurd met de boom van het leven, maar de beproeving met de boom van kennis van goed en kwaad verhinderde dat.

Door Pinksteren krijgen wij deel aan Gods Geest, de Heilige Geest wordt in ons hart gestort. Daarmee zo voltooit Jezus de herschepping van de mens. Die herschepping is meer dan een herstel naar de tijd van het paradijs. Wij worden meer, wij worden kinderen van God, niet figuurlijk, we krijgen niet alleen die naam, we worden niet alleen maar zo genoemd, we zijn het werkelijk, want we hebben deel aan Gods Heilige Geest, de Geest van Vader en Zoon.

Wanneer wij het feest van de Heilige Drieëenheid vieren, vieren we meteen Gods vaderschap dat door Jezus nu de hele mensheid omvat. Van Schepper wordt God in Jezus Christus Vader. Wat God vanaf het begin was, omdat de Zoon vanaf het begin bestond in God, wordt met de komst van Christus een nieuwe werkelijkheid

Met dit feest van de Heilige Drieëenheid vieren wij dus ook ons Kind van God zijn, om die reden staat dit feest een week na Pinksteren. Wij hebben deel aan Gods Heilige Geest. Paulus brengt dat onder woorden: Wij zijn erfgenamen van Gods Koninkrijk. Gods kinderen zijn immers de erfgenamen.

Hier in de Eucharistie vieren we dit mysterie. Wij zijn één in het Vlees en Bloed van Christus. Het aardse vlees krijgt deel aan het Vlees en Bloed van Gods eengeboren Zoon. Wij worden zijn Lichaam en delen in zijn Geest. Zo zijn wij onlosmakelijk verbonden met God, Vader, Zoon en Heilige Geest. Amen.

Voorbede

Als kinderen van God bidden wij vol vertrouwen.

Wij bidden voor de Kerk, dat zij één mag zijn zoals God één is, dat alle gedoopten, waar ook ter wereld, God werkelijk als Vader mogen kennen, zijn liefde ontvangen en beantwoorden, waardoor ze ook elkaar als Gods kinderen beminnen. (Laat ons [zingend] bidden):

Wij bidden voor de wereld om eenheid en vrede, dat alle mensen Christus mogen leren kennen als de Emmanuel, God met ons, dat ze Hem aanvaarden als de leraar en herder, de priester en profeet, die ons leert mens te zijn naar Gods beeld. Laat ons bidden: (Laat ons [zingend] bidden):

Wij bidden voor onze parochie en onze parochiekernen, dat we open staan voor de Heilige Geest, dat we ontdekken hoe we zelf tempels mogen zijn van de Heilige Geest die in ons woont, dat de Heilige Geest in ons bidt en ons aanzet tot daden van liefde. (Laat ons [zingend] bidden):

Wij bidden op voorspraak van Sint Jozef in dit jaar van het gezin, dat Gods openbaring als Vader, Zoon en Heilige Geest ouders en kinderen meer en meer tot eenheid brengt door de liefde die van God komt. (Laat ons [zingend] bidden):

Intenties

Back To Top