Skip to content

Op deze zestiende zondag mogen we God in ons huis ontvangen, zoals eens Abraham en net als Marta en haar zus Maria. Van de twee zussen mogen we bovendien leren wat het belangrijkste en beste deel is.

Eucharistieviering in de parochies van de federatie H. Laurentius (RRM), in de kerk van de H. Liduina (Hillegersberg) en de H. Hildegardis (Rotterdam Noord), zondag 20 juli, om 09.30 en 11.00 uur, door plebaan Michel Hagen. A.M.D.G. – I.H.S.

Preek: C2025DHJ16C (zie 2022)

Lezingen

E.L: Genesis 18, 1-10a
Psalm: Ps. 15 (14), 2-3ab, 3cd-4ab, 5
T.L: Kolossenzen 1, 24-28
All: Efeze 1, 17-18
EV: Lucas 10, 38-42

Homilie

Drie beroemde lezingen bij elkaar. In de eerste lezing Abraham die God op bezoek krijgt. In de tweede lezing Paulus die spreekt over het aanvullen van het lijden van Christus en in het Evangelie Jezus bij Marta en Maria.

Het is duidelijk dat de eerste lezing en het Evangelie met elkaar te maken hebben. In beide situaties komt God op bezoek. Bij Abraham in de vorm van drie gasten. Bij Marta en Maria in de persoon van Jezus.

In beide situaties wordt ook hard gewerkt om het de gasten naar de zin te maken. In de eerste lezing bakt Sara koeken, de knecht slacht een kalf. Abraham haalt kaas en melk. De gasten genieten een heerlijk maal en Abraham houdt een oogje in het zeil. Zoiets zien we ook in het Evangelie. Er staat: “Marta werd in beslag genomen door de drukte van het bedienen”. Het mag de gasten aan niets ontbreken, Oosterse gastvrijheid bij uitstek.

Toch gaan de verhalen niet alleen over gastvrijheid. Overduidelijk is er het mysterie van Gods aanwezigheid en Gods Verbond. Wanneer je in het boek Genesis een stukje terug leest, precies vóór dit verhaal, dan lees je dat God al eerder aan Abraham was verschenen, toen Abraham 99 werd. Symbolisch, nog net geen 100. God sloot toen een verbond met Abraham. Het teken van dit verbond was de besnijdenis. Abraham werd op zijn 99e besneden. Na zijn besnijdenis verschijnt God hem opnieuw, dat is het verhaal van vandaag, maar nu met een ander doel. God kondigt de geboorte aan van Isaak; ‘de zoon van de belofte’ waar Abraham en Sara zo lang op hadden gewacht.

Die volgorde is van belang. Eerst moet Abraham besneden zijn, hij moet de man zijn van het verbond, dan zal zijn zoon ook de zoon zijn van het Verbond, de zoon die de belofte van God verder zal dragen.

Wat gebeurt er nu bij Marta en Maria. Ook hier komt God op bezoek. Niet in de persoon van drie engelen maar in Jezus. Jezus is de definitieve Man van het Verbond. Hij is de definitieve Zoon van de belofte. Hij komt niet met z’n drieën maar met de twaalf apostelen. In Hem is de belofte aan Abraham ten volle vervuld. Maar Marta reageert niet net als Abraham. Dat doet haar zus Maria wel. Abraham bleef, terwijl zij aten, bij zijn gasten staan, onder de boom. Zo zit Maria aan de voeten van de Heer te luisterde naar zijn woorden.

Als God komt, dan heeft Hij een Boodschap voor je. In het Evangelie zien we hoe gevaarlijk drukke activiteiten zijn. Bij Abraham is er evenwicht. Sara klaagt niet dat zij koeken moet bakken, de knecht klaagt ook niet dat hij een kalf moet slachten. Allen spannen zich in voor de hemelse gasten.

Als Jezus komt, dan heeft Hij voor ons een Woord, een Boodschap, in Hem spreekt God tot ons. Zijn Woord gaat aan alles vooraf. Na zijn Woord wordt schaarste tot overvloed, denk aan de wonderbare broodvermenigvuldiging, denk aan de wonderbare visvangst. Marta moet dit nog ontdekken. Zij zet zich zo in voor de gastvrijheid dat ze zich niet bewust is Wie ze ontvangt.

Marta krijgt ook een Woord, een liefdevol Woord, maar tegelijk een leerpunt. Net als Marta kunnen wij ons enorm inzetten voor het gezin, voor de Kerk, voor het bedrijf, voor de natuur, voor de politiek, voor de sport, als vrijwilliger, als professional. We kunnen naar de kerk komen en bij God ons hart luchten, net als Marta. Want we hebben het te druk, we krijgen het niet rond en we hebben de indruk dat anderen zich niet zo inspannen als wij. Dan bidden we misschien net als Marta: “Heer, laat het u onverschillig dat mijn zuster mij alleen laat bedienen? Zeg haar dan dat ze mij moet helpen.” Anders gezegd: “God, ziet U niet hoe hard ik werk? Waarom geeft U de anderen dan niet een zetje dat ze ook wat meer aanpakken?”

Misschien denken we dat Jezus onze nood niet kent, maar die kent Hij wel. Een andere keer zegt Hij: “De oogst is groot, maar arbeiders zijn er weinig. Vraagt daarom de Heer van de oogst arbeiders te sturen om te oogsten” (Lucas 10, 2). Ook heeft hij oog voor zijn medewerkers als zij hard hebben gewerkt en uitgeput raken. Dan zegt Hij: “Komt nu eens zelf mee naar een eenzame plaats om alleen te zijn en rust daar wat uit.” Want wegens de talrijke gaande en komende mensen hadden zij zelfs geen tijd om te eten” (Marcus 6, 31).

In dit Evangelie over Marta en Maria gaat het erom dat we bij al onze drukke bezigheden, het belangrijkste niet vergeten. Daarover zegt Jezus een andere keer: “… zoekt eerst het Koninkrijk en zijn gerechtigheid: dan zal dat alles u erbij gegeven worden” (Matteüs 6, 33).

Abraham ontving God in de drie bezoekers, hij beoefende de gastvrijheid en bleef luisteren. Hij maakte tijd om bij de Heer te blijven. Daarop ontving Abraham de aankondiging dat zijn zoon het volgend jaar geboren zou worden. Maria, de stille zus van Marta, van haar horen we hier geen woord, zij zat aan de voeten van de Heer en luisterde naar zijn woorden. Zij ontving dit bijzondere woord: Dat het beste erfdeel haar niet zou worden ontnomen.

Wij worden hier in de Eucharistie, maar ook thuis in het gebed en overal bij alle ontmoetingen, uitgenodigd altijd open te staan voor het Mysterie van Gods aanwezigheid; bij gastvrijheid en dienstbaarheid, dat we door gewone mensenwoorden heen Gods Woord herkennen. Gods woord voor ieder van ons persoonlijk, Gods Woord dat richting en doel van ons leven openbaart. Amen.

Voorbede

Bidden wij tot God die ons roept en uitzendt.

Wij bidden voor de Kerk, dat zij leeft uit het mysterie van Gods Aanwezigheid, van Gods Woord en van de bijzondere ontmoeting met God in de Sacramenten. Vragen wij dat nood en drukte ons aanzetten om intenser te bidden en te luisteren naar Gods stem. (Laat ons [zingend] bidden):

Wij bidden voor onze wereld, om vrede op plaatsen waar nu oorlog heerst en strijd, om veiligheid en gastvrijheid voor mensen die op de vlucht zijn, om menswaardige hulp en aandacht voor mensen dichtbij en ver weg. Dat ook wijzelf de noodkreten blijven horen en hulp bieden waar we kunnen. (Laat ons [zingend] bidden):

Wij bidden wij om een zorgvuldige omgang met de rijkdommen van de aarde. Om sterkte voor boeren die te maken hebben met grote veranderingen, voor bedrijven die nieuwe wegen zoeken voor behoud van het milieu. Om vruchtbare samenwerking tussen overheid en burgers in alle domeinen van onze maatschappij. (Laat ons [zingend] bidden):

Wij bidden voor gezinnen; voor alleenstaanden en echtparen, ouders en grootouders, kinderen en kleinkinderen, dat het mysterie van Gods aanwezigheid in het sacrament van het huwelijk en in de gemeenschap van het gezin opnieuw ontdekt en beleefd mag worden. (Laat ons [zingend] bidden):

Intenties

Back To Top