skip to Main Content

Dankzegging thuis aan de maaltijd voor het voedsel voor deze dag in ons aardse sterfelijke bestaan. Dankzegging hier in de Kerk, voor het voedsel dat ons eeuwig leven schenkt. Dankzegging als levenshouding van mensen die vol dankbaarheid naar God en elkaar door het leven gaan.
B2018DHJ17B

Eucharistieviering in de parochie van De H. Augustinus, in de kerken van Sint Willibrordus (Wassenaar), de H. Joannes de Doper (Katwijk) en De H. Willibrord (Oegstgeest), om 19.00, 09.30 uur en 11.00 uur. A.M.D.G. – I.H.S.

Welkom vooraf aan de viering

Van harte welkom, u hier in de kerk en allen die met ons meevieren via de kerkradio of het internet.

Wij mogen hier samen zijn op deze rustige plaats, om in de stilte te naderen tot God. We ontmoeten hier Christus in Woord en Sacrament, die door zijn offer ons vrij maakt en herschept. Wij mogen hier Eucharistie vieren, Gods Verbond met ons.

Vandaag zal onze pastoor Michel Hagen de celebrant zijn.

Ik mag u uitnodigen te gaan staan bij de intrede.

Lezingen

E.L: 2 Koningen 4, 42-44
Psalm: Ps. 145 (144), 10-11, 15-16, 17-18
T.L: Efeziërs 4, 1-6
All. Vers. Cf. Efese 1, 17-18
EV: Johannes 6, 1-15

Homilie

In deze warme dagen denken we eerder aan drinken dan aan eten. Toch horen we vandaag over de wonderbare broodvermenigvuldiging en wel in twee lezingen. Een wonderbare broodvermenigvuldiging bij de profeet Elisa en een in overtreffende trap bij Jezus in het Evangelie.

In het Oude Testament zijn meer voorbeelden van wonderlijke maaltijden. De profeet Elia werd tijdens de grote droogte gevoed door raven. “De raven brachten hem ‘s morgens en ‘s avonds brood en vlees en hij dronk uit de beek” (1 Koningen 17,6). Als later de beek uitdroogt, vindt hij onderdag bij een weduwe met één zoon. Zij heeft nog wat meel in de pot en een beetje olie in de kruik. Elia zegt:`Vrees niet, … Want zo zegt de HEER God van Israël: De pot met meel raakt niet leeg en de kruik met olie niet uitgeput totdat de HEER het weer laat regenen” (1 Koningen 17, 13-14).Toen Elia later moest vluchten en uitgeput ging rusten, trof hij twee dagen achter elkaar ‘s-morgens bij zijn hoofdeind een voedzame koek en een kruik water. De engel zei tegen hem: “Sta op en eet; anders gaat de reis uw krachten te boven” (1 Koningen 19. 6-8). Maar we kennen natuurlijk ook het grote teken bij de uittocht door de woestijn. Het manna dat dagelijks als korrelige dauw bijeengeraapt kon worden. Voedsel voor de tocht door de woestijn, Het grote teken dat God voor zijn volk zorgt. Zo leert Jezus ons bidden: “Geef ons heden ons dagelijks brood”. Of anders gezegd: “Geef ons vandaag het brood voor deze dag”.

Wij zijn al meer dan een generatie gewend dat de bakker altijd brood heeft, dat er overvloed is. Toch kennen we in onze eigen families de verhalen over de hongerwinter 1944-1945. Er stierven in Nederland 20.000 mensen als gevolg van de ondervoeding. We kunnen ook dichterbij kijken. Een ultra hete zomer en de boeren hebben grote zorgen. Met als gevolg dat de prijzen van sommige levensmiddelen gaan stijgen. In onze tijd is het bidden voor het eten bij veel mensen geen gewoonte meer. Misschien als de kleinkinderen bij opa en oma komen, dat ze nog meemaken dat er gebeden wordt voor de maaltijd.

Vandaag lezen we in het Evangelie deze zin: “Toen nam Jezus de broden en na het dankgebed gesproken te hebben liet Hij ze uitdelen onder de mensen die daar zaten, alsmede de vissen, zoveel men maar wilde”. Jezus sprak een dankgebed over de broden en de vissen. Daarna werd het pas uitgedeeld. Daar, waar een grote schaarste heerst, zijn mensen nog meer dan anders zich bewust dat het leven en het voedsel en het drinken een gave is van God, dat ons bestaan een gave is van God. Dat komt ook terug in de Eucharistie die wij vieren. Het woord dankgebed dat daar in het Grieks staat, is ons woord Eucharistie; de Dankzegging met een hoofdletter.

Er is een verbinding tussen die maaltijd toen met die vijfduizend man, de maaltijd thuis in je gezin en de maaltijd hier in de Kerk. Het brood voor elke dag, dat wat je voor vandaag nodig hebt, is een gave van God. Daarom, voordat je het aanneemt en nuttigt, zeg je God dank voor die gave. Het brood van iedere dag maakt dat wij in leven blijven en niet dood gaan. Geen hongerwinter meer alsjeblieft.

Het Brood van de Eucharistie is wat wij hier ontvangen, waarvoor wij ook dankzeggen, waarop wij amen zeggen voordat we het aannemen en nuttigen. Hier zeggen wij God dank voor hét Brood uit de hemel, Gods Zoon, die ons innerlijk voedt, zodat wij geestelijk in leven blijven en niet geestelijk sterven.

In onze moderne tijd hebben we wetenschappelijk geanalyseerd wat gezond brood is, wat er in moet zitten om gezond te blijven.

De Kerk houdt ons voor wat er nodig is om geestelijk gezond te blijven. Daarvoor geeft zij ons het Woord uit de Schrift en de Sacramenten, de tekenen die genade bewerken. Hier naderen wij aan de tweevoudige tafel, de tafel van Gods Woord, met de lezingen uit het Oude Testament en uit de brieven. En bovenal de lezing uit het Evangelie. Dit wordt aangereikt met de uitleg, de bezinning, of mystagogie, of verkondiging, of preek, of homilie, verschillende woorden die aanduiden dat het Woord uit de Schrift, dat Gods Woord, Jezus’ Woord, uitgelegd moet worden, verteerbaar gemaakt moet worden, zodat het onze ziel kan voeden. Maar het betekent ook dat de gelovigen moeten luisteren, het Woord in zich opnemen, dat ze zich inspannen, erop kauwen, omdat het Woord anders aan ons voorbij kan gaan of zonder vrucht blijven.

Zo is het ook met de Communie. Wanneer we amen zeggen op het woord: “Lichaam van Christus”, dan gaat het erom dat we dat niet uit routine zeggen, maar bewust. Dat we in geloof beamen dat Christus zich aan ons geeft, zoals Hij zich toen heeft gegeven aan het Kruis. Dat Hij, de verrezen Heer, ons doet delen in zijn verrezen Lichaam dat de Kerk is, dat Lichaam dat vol is van verrijzeniskracht, dat in staat is de dood te trotseren en stand te houden in de beproeving. Daarop amen zeggen betekent Hem zo ontvangen dat je zelf innerlijk één wordt met Hem.

Dankzegging thuis aan de maaltijd voor het voedsel voor deze dag in ons aardse sterfelijke bestaan. Dankzegging hier in de Kerk, voor het voedsel dat ons eeuwig leven schenkt. Dankzegging als levenshouding van mensen die vol dankbaarheid naar God en elkaar door het leven gaan. Amen.

Voorbede

Wij bidden tot God die ons als zijn kinderen aan zijn gastmaal heeft genodigd.

Wij bidden voor alle gelovigen wereldwijd, dat zij vol dankbaarheid het brood van elke dag ontvangen, dat het hen gul maakt om te delen wat zij hebben, dat zij in de Eucharistie gevoed door God, kracht vinden om stand te houden in de beproeving. (Laat ons [zingend] bidden):

Wij bidden voor onze wereld, dat alle mensen van goede wil zich bewust zijn van de menselijke kleinheid en afhankelijkheid, dat de dankbaarheid om wat wij ontvangen ons helpt om het goede te delen met onze naasten. (Laat ons [zingend] bidden):

Wij bidden voor onze parochie en onze parochiekernen, dat we in staat zijn de maaltijd thuis te verbinden met de Eucharistische Maaltijd in de Kerk, dat Gods Woord ons in het dagelijks leven richting mag geven, opdat wij Jezus navolgen. (Laat ons [zingend] bidden):

Wij bidden voor gezinnen en alleenstaanden, voor echtparen, ouders, kinderen en kleinkinderen; Wij vragen dat wij in het jaar van gebed, de Dankzegging in de Eucharistie meer en meer beleven, opdat wij dankbare mensen zijn, dankbaar naar God en naar elkaar. (Laat ons [zingend] bidden):

Intenties

Back To Top