“Wat is de Kerk en hoe belangrijk is de Kerk?” In de wereld spreekt men vaak over de Kerk als een instituut. Daarbij worden soms (gretig) werkelijke of vermeende tekorten van dat instituut uitvergroot. Zelden worden de verdiensten besproken van de Katholieke Kerk in de twintig eeuwen van haar bestaan. De manier waarop de wereld naar de Kerk kijkt, wordt bepaald door de ideeën en gebruiken in de tijd. De Romeinse keizers hadden hun kijk op de Kerk. Karel de Grote keek op zijn manier. Weer anders keken de machthebbers tijdens de Verlichting. Heel anders keken de voormannen van het Communisme. En de mensen in onze tijd hebben weer een andere blik. Degene die de macht heeft, bepaalt veelal hoe er in de wereld over de Kerk gedacht wordt.
Hoe zien wij de Kerk? Wanneer je niet oppast, wordt ook onze manier van kijken door de tijdgeest bepaald, dan verliezen wij de blik van Jezus en hoe de apostelen de Kerk zagen. De Kerk heeft geen aardse, menselijke of natuurlijke oorsprong. Zij vindt net als Jezus Zelf haar oorsprong in God. De Kerk wordt met Pinksteren geboren als de heilige Geest over de jonge Kerk wordt uitgestort. Aan die geboorte van de Kerk gaan Jezus’ leven, zijn kruisdood en zijn verrijzenis vooraf. Jezus heeft een Nieuw verbond gesloten en zo een nieuw Verbondsvolk geroepen.
Het gaat hierbij om al die gedoopten wereldwijd, in die lange keten vanaf Jezus tot nu. Sint Paulus geeft antwoord op de vraag: “Wat is de Kerk?” Hij noemt de Kerk “Het Lichaam van Christus” (1 Korinte 12, 13) en Petrus noemt de Kerk: “Gods eigen Volk” (1 Petrus 2, 9). De Kerk is het (mystieke) lichaam van Christus en Gods nieuwe verbondsvolk, het is de grote kudde waarvan Christus het herderschap aan Petrus toevertrouwt. Door de verzoening die Jezus heeft bewerkt, de verzoening van God met de mens, is de Kerk gezuiverd en is zij het Volk Gods van de voltooiing. Gods plan om deze wereld te redden is concreet geworden in Jezus en in de Kerk zet God zijn reddingsplan voort in de tijd.
Hoe belangrijk is de Kerk? Ook bij die vraag gaat het erom vanuit wie we hem stellen. Vindt de wereld de Kerk belangrijk, vinden wij de Kerk belangrijk of vindt God de Kerk belangrijk? “Zozeer heeft God de wereld liefgehad, dat Hij zijn eniggeboren Zoon heeft gegeven” (Johannes 3, 16). En zozeer heeft God de wereld lief dat Jezus de Kerk in de wereld plant en zijn leerlingen de wereld inzendt als lammeren tussen de wolven (Lucas 10, 3). God wil de wereld redden, daartoe sluit Jezus een Nieuw Verbond. Daartoe sticht Jezus zijn Kerk als nieuw Verbondsvolk en daartoe schenkt Jezus aan de Kerk de heilige Geest. Of de wereld de Kerk belangrijk vindt en of wij de Kerk belangrijk vinden, is uiteindelijk niet van belang. God vindt de Kerk belangrijk omdat zij het instrument is waarmee Hij zijn reddingsplan in de tijd voortzet.
Het belang van de Kerk zit erin dat God door de Kerk de mensheid te hulp komt en redding biedt. De wereld kan zichzelf niet redden. God wil zijn reddingsplan met de mensheid voortzetten door de Kerk. Wat dat voor ons betekent, daarover meer in mijn column over twee weken.
Pastoor Michel Hagen