Van 1 maart tot 1 juni heb ik een soort sabbat, een time-out om te verhuizen, te ruimen en te oriënteren op mijn nieuwe benoeming in Rotterdam per 1 juni. De bedoeling is dat ik me wat kan terugtrekken en de wereld – de wereld laten. Nu mijn time-out samenvalt met het begin van de coronacrisis ontkom ik er niet aan om daarover na te denken.
Ik sprak een religieuze bij wie het was opgevallen dat er vanwege corona wel veel werd gesproken over bidden, maar dat je weinig hoort over bekering. Dat was nog voor de paaspreek van paus Franciscus. De paus heeft het de laatste tijd vaak over een ecologiche bekering; een nieuwe manier van omgaan met deze aarde en de natuur. De vraag naar bekering heeft alles te maken met onze kijk op deze coronapandemie.
Toen koning David niet aan de bekoring kon weerstaan een volkstelling te houden, om te weten hoeveel soldaten hij op de been kon brengen (in plaats van te vertrouwen op God wilde hij vertrouwen op zijn leger) volgde er een pestepidemie (1 Kronieken 21). De Bijbelse schrijver zag duidelijk een verband tussen het een en het ander.
Omstanders vertelden Jezus eens over Galileeërs die bloederig waren vermoord (Lucas 13, 1-5). Zou dat door hun zonden komen? Jezus zei: “ … en die achttien die gedood werden, doordat de toren bij de Siloam op hen viel: denken jullie dat die alleen schuldig waren onder alle mensen die in Jeruzalem woonden? Volstrekt niet, zeg Ik u. Maar als jullie niet tot bekering komt, zullen jullie allen op eenzelfde wijze omkomen”.
Hierbij doet Jezus twee dingen. Hij koppelt het ongeluk, de ramp, los van persoonlijke schuld, alsof God zo zou straffen. Nee, dat doet God niet. Tegelijk houdt Jezus de waarschuwing in stand: Wanneer onze levensstijl indruist tegen Gods bedoeling, dan komt het kwaad een keer als een boemerang terug.
Het heeft dus geen zin om te spreken over Gods straffende hand. Zo spreekt Jezus ook niet. Hij zegt zelfs dat God het laat regenen over rechtvaardigen en onrechtvaardigen (Matteüs 5, 45) en God laat het onkruid samen met het goede graan opgroeien (Matteüs 13, 30). Met zijn nieuwe leer corrigeert Jezus wel de al te simpele manier van denken in het Oude Testament alsof elke tegenslag een straf is voor jouw zonden. Tegelijk echter blijft zijn waarschuwing staan, want als wij wereldwijd onze stijl van leven niet veranderen, ons niet omkeren, ons niet bekeren, dan is het wachten op de volgende ramp. Leuker kunnen we het niet maken.
Pastoor Michel Hagen