Alle mensen zijn gelijk! Waar of niet waar? Alle landen zijn gelijk! Waar of niet waar? Alle religies zijn gelijk! Waar of niet waar? Waar komt dat idee over gelijkheid vandaan, dat te pas en te onpas op van alles wordt toegepast? Alle Nederlanders zijn gelijk! Waar of niet waar?
Zou het te maken hebben met de Franse revolutie, met ‘vrijheid, gelijkheid en broederschap’? Het lijkt een soort elfde gebod te zijn geworden, een heilige tekst. Daarbij begint de historische oorsprong van die woorden te vervagen en gaandeweg plaats te maken voor een nieuwe invulling.
Wat is gelijk? Niets is gelijk, geen mens is gelijk, geen oog, geen hand, geen vingerafdruk is gelijk. Wat bedoelen we dan met ‘gelijk’ als we zeggen: “Alle mensen zijn gelijk!”?
‘Gelijk is ongelijk.’ Die wijsheid heeft elke ervaren timmerman. In een oud huis lijken de deuren gelijk, maar wanneer je ze wilt uitwisselen, passen ze niet op een andere plaats. Het gelijkheidsidee op zich kan naar iets moois en rechtvaardigs verwijzen, zoals het non-discriminatiebeginsel. Dat stelt dat bepaalde verschillen tussen mensen (in bepaalde situaties) niet mogen leiden tot het maken van onderscheid. Je kunt niet zomaar onderscheid maken tussen vrouwen en mannen of op grond van ras of vanwege leeftijd. Terecht zijn we daar waakzaam op en wordt dit in wetgeving vastgelegd. Echter, gelijkheid wordt in de loop van de tijd ook een soort mythe die inmiddels gekaapt wordt door allerlei stromingen en wordt ingezet voor hun belangen.
Zo ontwortelt de genderideologie de mens van zijn biologische wortels en creëert een soort kunstmatige gelijkheid tussen man, vrouw, homo, hetero, biseksueel, transgender en transseksueel op alle terreinen, ook daar waar sekseverschillen wel relevant zijn. Gelijkheid betekent dan het claimen van rechten en het ontkennen of als onbelangrijk wegzetten van de natuurlijke en complementaire verschillen tussen man en vrouw.
Ook voor het geloof heeft dit gevolgen. Zijn alle religies gelijk? Vraag het een theoloog; hij zal u wijzen op grote verschillen. Vraag het een politicus; die zal opkomen voor absoluut gelijke rechten. Er steekt echter meer achter de neiging alle geloven op een hoop te gooien en te zeggen dat ze allemaal gelijk zijn. Sinds de opkomst van het atheïsme, met name binnen de sociale en psychologische wetenschappen, bestaat er een soort politieke correctheid waarin men er feitelijk van uit gaat dat religie een verzinsel is en dat God niet bestaat. Het is wel onzin, maar mensen moeten de vrijheid hebben hun eigen religie te bedenken en aan te hangen.
Zijn alle religies gelijk? Nee. Er zijn grote verschillen. Zijn ze dan wel gelijkwaardig? Ook dat is maar de vraag. Wat is gelijkwaardigheid? Betekent gelijkwaardigheid dat alle religies van gelijke waarde zijn voor een deel van de bevolking, of voor de overheid, of voor het bedrijfsleven, of voor de individuen, of voor de vredesbesprekingen of het onderwijs of voor de sociale voorzieningen?
Het is complex, maar er mag zo langzamerhand wel wat genuanceerder naar het begrip ‘gelijkheid’ gekeken worden, want: ‘Gelijk is ongelijk’.
Pastoor Michel Hagen