Skip to content

Als Jezus in Nazaret komt, de stad waar Hij is opgegroeid, kan hij weinig doen. Hij zegt: “Een profeet wordt overal geëerd behalve in zijn eigen stad, bij zijn verwanten en in zijn eigen kring.” Is het waar dat een profeet in eigen land nooit wordt geëerd? Het is zoals met elk gezegde, het is waar in algemene zin. Jezus verkondigt met dit gezegde niet een eeuwige geloofswaarheid, wat Hij hier doet is een vorm van bewustmaking: Hoe komt het dat jullie moeite hebben met Mij? Hoe komt het dat Ik jullie niet kan helpen?

In mijn opleiding voor personeelsbeleid, lang geleden, kreeg ik het vak onderhandelen. Ik hoorde toen voor het eerst over ‘betrekkingsniveau’ en ‘inhoudsniveau’ bij vergaderen. Zoiets zie je ook als Jezus in Nazaret komt. De mensen reageren op de onderlinge betrekkingen, de onderlinge verhoudingen in het dorp. Jezus is de zoon van Maria: “We kennen zijn hele familie. Wat kunnen zij ons nu vertellen?” Als mensen zo reageren kan je inderdaad weinig voor hen doen. Zij voelen zich in hun onderlinge verhoudingen bedreigd. Ze zijn meer bekommerd om de onderlinge betrekkingen dan om de inhoud, wijsheid, wonderen of tekenen.

Het helpt ons om na te denken over onze eigen rol in de kring van familie, vrienden en kennissen. Kan ik iets zeggen over God, over geloof of normen en waarden? Kan ik tegen mijn broers of zussen zeggen dat ze wel erg negatief over buitenlanders spreken, erg makkelijk denken over abortus en euthanasie of erg gemakkelijk omgaan met geloof en kerk? Als ik dat zeg, wat gebeurt er dan? Dan zet ik de onderlinge verhoudingen op het spel. Ze krijgen het gevoel dat ik de betweter ben. Ze kunnen reageren met opmerkingen als: “Vroeger wist je het ook altijd beter” of “Doe jij het zelf nooit verkeerd?” Het gaat dan niet meer om de inhoud, maar om de onderlinge betrekkingen. Ouders zeggen het ook wel eens over hun kinderen: “Pastoor, dan houd ik mijn mond maar, want anders is de sfeer de komende tijd helemaal verpest.”

Moet je dan je mond maar houden? Ja en nee. Ja, zwijg maar even, want Jezus kon daar slechts weinig wonderen doen. Hij kon dit mechanisme niet doorbreken. Zelfs als Hij hen bewust maakt wat er speelt, zijn de onderlinge betrekkingen zo sterk dat zijn toehoorders er niet los van komen. Tegelijk ook ‘nee’; toch maar spreken. Ook Jezus spreekt, in alle vriendelijkheid. Ongetwijfeld heeft Hij mensen aan het denken gezet. Mensen die zich naderhand hebben afgevraagd: “Waar reageer ik op, gaat het mij wel om de inhoud, om de waarheid, om het geloof, of gaat het erom met wie ik goede vrienden wil blijven, wie invloed heeft of wie ik nodig heb?”

Het is goed te weten hoe het werkt. Dat kun je niet altijd doorbreken, maar mensen kunnen wel aan het denken gezet worden, zodat er later meer kans is op een vruchtbare verkondiging, in de kerk, thuis, in de politiek, op het werk, de sportvereniging, de media, de wetenschap, opdat Gods Woord en Gods Waarheid door mag dringen met zijn bevrijdende en genezende kracht. Hoe mooi zou het zijn als netwerken en onderlinge betrekkingen geen hindernis vormen, maar juist een hulpmiddel worden om Gods Woord door te geven.

Pastoor Michel Hagen

Back To Top