Preek oudjaar, jaar B, 31 december 1999
Gedenk alles wat je in beweging zet, alles wat meebouwt aan de komst van Gods Koninkrijk.
Gedenk alles wat je in beweging zet, alles wat meebouwt aan de komst van Gods Koninkrijk.
Menselijke liefde en geborgenheid is uit zichzelf beperkt. Maar als die liefde eenmaal is geraakt door Gods liefde verandert dat.
Kerstverhaal: van een herdersjongen, een engel, een prinses, een lammetje en een ster.
Kijk hoe klein God begint, hoe klein God zichzelf maakt en doe hetzelfde. Doe net als Hij, in stilte, onopvallend, kwetsbaar en zuiver.
Gods is oneindige vindingrijkheid en trouw. God blijft vol verwachting uitzien naar ons. God geeft nooit op. Hij ziet mogelijkheden die voor ons verborgen zijn, kansen die nog gaan komen.
De kracht van de stilte, het kleine en kwetsbare en de invloed van het zuivere: Naarmate we daarvan meer verstaan kunnen we straks met des te groter vreugde ons geloof uitzingen.
Laten we al onze eigen tekorten bij God brengen. Vragen we om helderheid en zuiverheid van Geest om Gods bedoeling steeds duidelijker te zien.
De innerlijke vreugde van Johannes: Weten dat God al begonnen is; in evenwicht zijn; niet hogerop willen; onafhankelijk en vrij voor God zijn; blij zijn met de bescheiden taak door God gegeven.
Denk aan de Doper, wat hij zei, wat hij daar riep voor jou en mij: ‘bereid de weg des Heren’. Dat is het waar het nu om gaat, wat in het Evangelie staat, de kansen zullen keren. (Sinterklaaspreek op rijm)
Bemin en bid met aandrang. Dan zal je de betekenis van Jezus’ naam ervaren: ‘God redt’. Ja, God zal je redden. Hij is al begonnen.