Preek 28e zondag, door het jaar A, oogstdankdag, 9/10 oktober 1999
De warmte in Gods hart zoekt altijd een weg, Gods liefde voor ons is niet te stuiten.
De warmte in Gods hart zoekt altijd een weg, Gods liefde voor ons is niet te stuiten.
Je hebt feest en Feest, je hebt vreugde en Vreugde.
Inderdaad, er is een verschil tussen de andere religieuze en filosofische overtuigingen en systemen en het Christendom. Helaas zie je dat verschil in de praktijk weinig, omdat veel Christenen niet op het niveau leven van hun eigen geloof, het hangt er maar wat bij en komt uit de kast met de mooie kleren op de bijzondere dagen.
Jezus zegt : “Komt allen tot Mij, die uitgeput zijt en onder lasten gebukt, en Ik zal u rust en verlichting schenken”.
Iemand die spijt heeft moet je vergeven, steeds weer. Jezus nodigt ons ook uit om bereid te zijn tot vergeving en die vergeving reeds in het gebed aan te bieden aan hen die geen spijt hebben.
Iemand doet iets verkeerd in jouw ogen. Wat doe je nu? Jezus hanteert maar één model, zoals altijd, het allermoeilijkste maar ook het allerbeste. Het persoonlijke gesprek.
In onze tijd is het voor ons heel moeilijk te accepteren dat er mensen in de kerk aangesteld zijn die namens God mogen spreken. Echter, kerkelijk gezag is een uitdrukkelijke instelling van Jezus zelf. Het bewaart de eenheid.
Het motto van Jezus is: “Geef jezelf, dan alleen wordt de wereld beter. Geef niet alleen iets wat je bezit, maar geef jezelf.”
Maria is op veel manieren een grote vrouw, maar ze is boven alles groot in bescheidenheid. Bescheidenheid is in de eerste plaats belangrijk, omdat God zelf bescheiden is. Hij dringt zich niet op en geeft ons de ruimte. Maar ook omdat God alleen zijn grootheid kan tonen, als wij onszelf niet groot maken.
Het kruis dragen op de wijze van Jezus, betekent dat het kruis jou zal dragen. Dat is de weg van Jezus. Een weg die je niet uit eigen kracht kunt gaan, maar wel in de kracht van het geloof en het gebed.
Jezus voedt ons met Gods barmhartige liefde, met vergeving en kracht. Wie zo rijk gevoed wordt, door God zelf, die kan niet anders dan anderen voeden, met waarachtige liefde.
Iedere mens kan overal gastvrij zijn. Met geld en zonder geld.