Preek 16e zondag, door het jaar A, 22/23 juli 2017
Jezus leert zijn leerlingen met alle tegenslagen om te gaan. Je hebt verschillende soorten mensen, er zijn verschillende omstandigheden en Gods Koninkrijk heeft ook vijanden.
Jezus leert zijn leerlingen met alle tegenslagen om te gaan. Je hebt verschillende soorten mensen, er zijn verschillende omstandigheden en Gods Koninkrijk heeft ook vijanden.
De profetische kritiek van Fátima is dat de mensheid het heil niet moet proberen te verwerven uit eigen macht, zonder God of tegen God, maar door bekering, door te luisteren, door mee te bewegen met de heilige Geest en de weg van Christus te gaan.
Weest niet bang. Die oproep klinkt in het Evangelie. Er is blijkbaar iets waar wij snel voor terugdeinzen, iets wat belangrijk is.
Christus geeft ons een blijvend teken van zijn aanwezigheid.
We vieren vandaag feest om God Zelf, om wie God is en om hoe God zich door Jezus aan ons openbaart; God is volmaakte eenheid en op drie manieren persoonlijk met ons verbonden, God Vader, God Zoon en God heilige Geest.
Op tweede Pinksterdag vieren we nog steeds het feest van de Heilige Geest. Tegelijk worden we ons bewust dat we een zending hebben, de Heilige Geest stuurt ons eropuit.
Met Pinksteren vieren wij het geboortefeest van de Kerk.
Wil je vol worden van de Heilige Geest, een brok vuur van de Heilige Geest, wil je een tempel worden van de Heilige Geest? Dat vraagt dat gebed!
Wanneer wij moeite hebben om naar Gods geboden te leven, dan is dat een teken dat onze liefde voor Christus te beperkt is.
Voor ieder van ons is Jezus Zelf de Weg, Hij is de Waarheid en het Leven. Hij is de ene en enige hogepriester waar ieder van ons op één of andere manier mee verbonden is, of je nu gewijd bent, of dat je als man of vrouw deelt in het algemeen priesterschap.
Voor ieder van ons klinkt Gods roepstem op een bijzondere manier.
Wij mensen staan niet zo sterk in ons geloof. Daarom gaat Christus met ons op weg. Wanneer we naar hem luisteren, zal Hij zijn Woord ook tot ons spreken.