Preek 25e zondag, door het jaar B, 19/20 september 2009
Kinderen van God zijn vrij. Hoe vrij zijn we werkelijk? Houdt niets of niemand ons tegen om de goede keuzes te maken en te doen wat nodig is?
Kinderen van God zijn vrij. Hoe vrij zijn we werkelijk? Houdt niets of niemand ons tegen om de goede keuzes te maken en te doen wat nodig is?
Jezus raakt een doofstomme aan. Er gaat een nieuwe wereld voor hem open.
Jezus is als de koning van ons innerlijk. laten we Hem daar koning zijn, dan wordt ons innerlijk zijn koninkrijk.
In het Evangelie horen we dat volgelingen weggaan uit de kring van Jezus’ leerlingen. Ze verlaten Hem. Het is een uitnodiging om na te denken hoe wij Hem willen volgen.
In dit Paulusjaar willen we stilstaan bij deze grote apostel. Hij heeft moeten leren vol te houden en met de genade mee te werken.
Wees niet bang, maar blijf geloven. Dat is wat Jezus tegen de overste van de synagoge zegt.
Wat was de grootste storm in uw leven? Hoe bent u erdoor gekomen?
Vanaf Hemelvaart zijn we gericht op het Pinksterfeest. In het Evangelie bidt Jezus om eenheid. Het is de heilige Geest die ons één maakt.
Sommige mensen, wel of niet gelovig, in welke cultuur ook, kunnen in hen menselijke liefde heel ver komen. Verder ook dan sommige Christenen. Maar andersom zien we ook hoe Christenen die zich werkelijk verbonden weten met Christus geen grenzen meer hebben voor de liefde. En dan overtreffen zij alle andere godsdiensten, culturen en tijden.
Jezus zegt ons: “Los van Mij kun je niets doen.”
Kunnen wij Christus herkennen wanneer Hij op die verborgen manier in ons midden is in zieken en kwetsbare mensen?
Jezus doorbreekt de twijfel van Thomas en wil ook onze twijfel doorbreken als Hij zegt: “Zalig die niet zien en toch geloven.”